Tag Archives: Groepswerk

Er Rest Slechts Liefde

Dr. Michael LaitmanVraag: Zijn de principes die Rabash voor ons beschrijft in zijn artikelen noodzakelijk om spiritualiteit te bereiken of is het voldoende als we ons houden aan de groepsregels? Een voorbeeld: kan ik een vriend bekritiseren als ik denk dat het in zijn belang is, dat ik het doe uit liefde voor hem?

Antwoord: Je hebt het recht niet om iemand iets voor te schrijven, omdat je altijd wel een argument vindt om wat je doet te rechtvaardigen. Je moet je vriend zien als groot in ‘geloof boven de rede’. Dit betekent dat je het feit accepteert dat hij groot is en dat alleen jouw egoïstische blik dat niet kan zien. Maar! We hebben hier met twee maaren te maken.

Het eerste maar is de vraag of hij een echte vriend is: doet hij mee in de verbinding en de eenheid in de groep? Dit is de belangrijke voorwaarde en uiteindelijk de enige. Verlangt hij ernaar om bij te dragen aan de verbinding en de eenheid in de groep? Als hij dat doet is hij een vriend, als hij dat niet doet is hij geen vriend.

Ten tweede, kritiek mag alleen gaan over zijn deelname aan de groep of het werk dat hij doet. Als hij hier bijvoorbeeld werkt als elektricien of in disseminatie en hij iets niet goed doet, geven wij kritiek, hiermee proberen wij een misstap van hem te corrigeren. Maar dit is van geen enkele invloed op mijn liefde voor hem als vriend. In een geval als dit behandel ik hem als iemand die fysieke arbeid verricht, dat is alles. Deze twee aspecten hebben niets met elkaar te maken.

Als hij een echte vriend is, als hij namelijk werkt voor verbinding en eenheid, moet ik hem eenvoudigweg accepteren als absoluut, als de Schepper. “Van de liefde voor de schepselen naar de liefde voor de Schepper”. Het gaat over hetzelfde! Rabash schrijft er prachtig over als hij zegt dat de groep uiteindelijk alleen gecorrigeerd wordt door liefde tussen alle leden van de groep, dit wordt de Schepper.

Wij bekritiseren een vriend dus niet, maar brengen openlijk onze liefde voor hem tot uitdrukking. Dit is een essentiële voorwaarde. Op deze manier werken wij correct tegen ons ego in.

From the Kharkov Convention “Uniting to Ascend” 8/16/12, Preliminary Lesson

In Confrontatie Met Het Ego

Dr. Michael LaitmanVraag: Hoe kunnen we de daden van de Schepper steeds vóór zijn en krachtiger worden met betrekking tot het ego, zodat wij enerzijds niet het slachtoffer worden van de verraderlijke plannen van het ego en anderzijds ontvankelijk zijn voor de aanwijzingen van de Schepper?

Antwoord: Denk in geen enkele situatie na over het ego, niet hoe je er wel of niet aan toegeeft. Al dit soort spelletjes met het ego helpen niets. Het ego is veel slimmer dan jij en ieder ander.

Het egoïsme is buitengewoon krachtig van aard en volledig tegengesteld aan de Schepper, in intensiteit is het gelijk aan Hem. Het hele egoïstische systeem werd door het Licht geschapen, dat het verlangen binnenkwam. Het vormde de aard ervan en alle eigenschappen in alle denkbare vormen. Dus tegen het ego strijden zal je nooit lukken! Je kunt er alleen maar bovenuit stijgen en het verlangen koesteren om gelijkvormig te worden aan het Licht dat zal helpen! De confrontatie met het ego aangaan is een hopeloze zaak.

Je hoeft er geen aandacht aan te besteden! Verlang er uitsluitend naar om verder te komen! Wacht niet tot je vooruit geduwd wordt door het ego.

Vraag: Wat moet je doen als je er steeds aan denkt en tenslotte zowel het ego als de Schepper vergeet?

Antwoord: Dat komt omdat er geen verbinding met de groep is en de omgeving je niet helpt om vooruit te komen.

Het gaat hier over een heel eenvoudig systeem van krachten. Vanaf het begin is er aan jou een punt gegeven waarop je kunt steunen, er is aan jou een richting gegeven en je wordt steeds aangespoord. Er staat geschreven dat de Schepper je hand op de goede lotsbestemming legt en tegen je zegt: “Kies dit.” Dan is het aan jou om te kiezen.

Baal HaSulam schrijft, dat er tegen zo iemand voortdurend gezegd wordt dat hij een omgeving voor zichzelf moet kiezen die steeds sterker wordt, één die je krachtig maakt, waarin je niet zult vallen en het Doel niet zult vergeten.

De keuze voor een krachtige omgeving is uitsluitend afhankelijk van hoeveel jij erin investeert. Je hoeft geen andere mensen te kiezen, maar je moet meer in hen investeren, dan zul je van hen een grotere invloed voelen. Dit is de betekenis van het keuzemoment voor de nieuwe omgeving. Het gaat niet over gezichten van mensen, maar over de mate waarin jij van hen de hogere energie kunt opnemen die in hen aanwezig is, waar zij zelf niet eens weet van hebben.

Als dit je niet lukt is dat een teken dat je ernaar moet verlangen om dit te bereiken. Dit is het enige wat je kunt doen. Alleen dit is het werk waar het om gaat.

From the Kharkov Convention “Uniting to Ascend” 8/16/12, Preliminary Lesson

Met Betrekking Tot De Conventie

Dr. Michael LaitmanDit Congres ging niet alleen over vereniging met elkaar, maar ook over verdeling, tussen degenen die voldoen aan de vereisten voor de groep (systematische studie, disseminatie en Maaser) en hen die daar niet aan voldoen.

Wij moeten de staat bereiken, waarbij het centrum van de groep, de vrienden die hier het meest trouw aan zijn, zullen voldoen aan de eisen die de Schepper stelt om aan Hem gelijkvormig te worden op het eerste niveau van de 125 treden van de ladder van Zijn onthulling. Op deze manier zullen zij in staat zijn om het deel te worden van de wereldgroep van Bnei Baruch, waardoor het Licht naar de anderen stroomt. (Zie: ‘Inleiding tot Het Boek de Zohar’).

Rondom dit deel zullen zich dan andere delen vormen, zoals golven die zich verspreiden, afhankelijk van de overeenkomst met de regels voor gelijkvormigheid aan de Schepper, de eigenschap van belangeloos geven.

De regels zijn niet door mij bedacht, maar door Kabbalisten vastgesteld; wij kennen de regels goed, maar we ervaren het nog niet als noodzakelijk om ze nauwkeurig op te volgen, omdat we denken dat ze niet nodig zijn voor de onthulling van de Schepper. Nu is het voor het eerst aan ons gegeven om dit te begrijpen.

Ik verwijs hiermee naar degenen die ontevreden waren over deze eisen ten aanzien van de Schepper. Misschien zou Hij de voorwaarden van het contract voor hen wel veranderen: ‘De Wet van Gelijkvormigheid’ (met elkaar in verbinding staande spirituele kelim (vaten)/eigenschappen).

Zij die de noodzaak van deze voorwaarden erkennen kunnen kiezen waartoe zij willen behoren, tot welke cirkel: tot de centrale of de externe. In de toekomst zullen wij de voorwaarden voor elke cirkel specificeren.

Ik houd van jullie allemaal en iedereen is mij dierbaar, dit alles heeft plaatsgevonden om iedereen naar het Doel toe te trekken en de aardse verwarring op het spirituele pad weg te nemen.

Hugs,

Rav

Gelijkwaardigheid Is Niet Hetzelfde Als Gelijkheid!

Dr. Michael LaitmanVraag: Tijdens de afgelopen Conventie in het Noorden van Israel, werd onze groep in tweeën verdeeld: de ene groep, van tien mensen, zonderde zich af van de wereld op de eerste verdieping van ons centrum en voldeed voor honderd procent aan de voorwaarden van de vrienden in de Conventie. De tweede groep, van twintig à dertig mensen, die om verschillende redenen maar een gedeelte van de tijd mee konden doen, waren in een andere ruimte.

Ik was één van degenen die afgezonderd was met de andere negen, maar ik kon mijn aandacht maar op één ding richten: Hoe kon het toch gebeuren dat we in twee groepen verdeeld waren? Ik kon echter niet de moed opbrengen om deze zaak met de andere negen mensen te bespreken. De volgende vraag achtervolgde me: Wat moest ik doen? Kon ik de verdeling ter sprake brengen of zou dat tegen de eenheid van de groep in gaan, zelfs nu besloten was dat de groep in tweeën was verdeeld tijdens de Conventie? Ik denk dat het spirituele comité erop zou moeten aandringen, dat de groep onverdeeld samen blijft, ongeacht de voorwaarden.

Antwoord: Tot aan het einde van de correctie blijven er overal tegenstellingen bestaan en vooral in Kabbalah, maar in spiritualiteit worden de tegenstellingen verenigd in een gezamenlijke intentie: zij bestaan naast elkaar, hoewel ze van elkaar gescheiden zijn door de wet van gelijkvormigheid. Wij moeten dus wennen aan het feit, dat we kunnen verschillen van elkaar, maar toch samen zijn. Bovendien moeten we er niet naar streven om iedereen en alles op hetzelfde niveau te krijgen. Gelijkwaardigheid is niet hetzelfde als gelijkheid, het betekent: gelijk zijn in de intentie en dat op verschillende niveaus.

Wij verschillen allemaal van elkaar en niemand dwingt ons om hetzelfde te zijn, maar wél om naar hetzelfde Doel te verlangen. Maar iedereen streeft op een andere manier naar het Doel. We zijn verschillend, zoals de cellen in één lichaam. De Schepper verenigt ons in onze intentie naar onze gezamenlijke Schepper.

Wees steeds een voorbeeld dat nagevolgd kan worden, en zij die dat wegens objectieve oorzaken niet kunnen, zijn niet slechter dan jij, maar zij zullen dan tijdens de Conventie deel uitmaken van de subgroep, net zoals het lichaam verschillende organen heeft die in verschillende mate belangrijk zijn, toch behoren ze allemaal tot één lichaam.

Gelijkwaardigheid van de vrienden is niet hetzelfde als gelijkheid!

Stel vragen, we zullen het ontdekken.

Niets Anders Willen Dan Belangeloos Geven

Dr. Michael LaitmanBaal HaSulam, Shamati, artikel 30: “Het belangrijkste is niets anders te wensen dan belangeloos te geven vanwege Zijn Grootheid, want elke vorm van ontvangen is een onvolkomenheid. Het is onmogelijk om niet te ontvangen, het enige is om vast te houden aan het andere uiterste, namelijk geven.”

Wij bevinden ons in één enkele staat: in het kennisveld dat behoort tot de eigenschap van geven. Alleen dit krachtveld bestaat, de kracht daarvan is de kracht van belangeloos geven. Zo wordt het veld aan ons onthuld.

In deze kracht ligt de oorsprong: abstracte vorm en essentie. Wat wij bereiken is, zoals Kabbalisten het ons zeggen, het krachtveld dat gekarakteriseerd wordt door belangeloos geven.

Om onafhankelijk te kunnen bestaan in dit veld, werden wij met een tegengestelde kracht geschapen, met de kracht van ontvangen. Als een mens alleen waarneemt wat door zijn of haar natuur bepaald wordt en zichzelf niet verandert, voelt hij in dit verenigde veld de werkelijkheid die wij ‘deze wereld’ noemen. Een ieder kan dit beeld in zichzelf opnemen en van daaruit leven. Deze wereld wordt denkbeeldig genoemd, omdat wij niet voelen wat er werkelijk buiten ons bestaat, het is alsof wij vanuit onbewustheid leven en een droom zien via de trillingen van een denkbeeldige waarneming.

In deze droom zijn we ons aan het ontwikkelen naar steeds meer ontwaken en bewustzijn. Onze hele evolutie, onze hele geschiedenis, gaat over dit proces.

Hoe kunnen wij de eeuwige, ware werkelijkheid voelen waarin wij eigenlijk bestaan? Hoe komen wij tot onderzoek naar dit veld van de hogere Kracht die ons heeft geschapen, ons ondersteunt, ons beïnvloedt en ons steeds verder ontwikkelt, zodat wij ons kunnen gaan verbinden met dit veld?

Er zijn twee wegen:

1. De eerst weg wordt ‘het pad van lijden’ genoemd: of wij het willen of niet, onder de invloed van het veld van geven blijven wij ons ontwikkelen en wij zullen komen tot de kennis van de Ene die ons bestuurt, beïnvloedt, ontwikkelt en gidst. Lijden zal ons ertoe dwingen om bij de wortel te komen van de oorzaak ervan en wij zullen ontdekken dat wij lijden door Hem, omdat Hij op deze manier invloed op ons uitoefent.

Dan moeten wij Hem wel leren kennen, dichter naar Hem toekomen, omdat wij verlangen dat Hij ons op een andere manier bestuurt. En wij zullen, zoals de eerste Kabbalisten, door lijden dit veld ontdekken, deze Kracht die op ons inwerkt en die wil, dat wij eraan gelijkvormig worden door ons met elkaar te verbinden. Dit is de wet van de gelijkvormigheid van eigenschappen.

Waarom is dit noodzakelijk? Omdat wij hierdoor gelijkvormig worden aan Hem: eeuwig, heel en perfect, tegelijkertijd blijven we onafhankelijk. Als wij in Hem zouden zijn, volledig onder Zijn bestuur, lijkt het alsof we niet eens bestaan. Maar er is een polariteit in onze ontwikkeling: in ons groeit een kracht die tegengesteld is aan het veld van geven, en tegelijkertijd moeten wij aan onszelf werken om gelijkvormig te worden aan Hem.

2. Als wij het pad van lijden niet willen volgen, maar het pad van Licht, onder de goede invloed van het veld van geven, ontdekken we een eenvoudige wet: om onafhankelijk te blijven, moeten we aan dit Licht vragen om alle veranderingen die samengaan met onze groei. Als ik vraag en het veld mijn vragen beantwoordt, bestaat er geen probleem in verband met onafhankelijk blijven, omdat ik nu gelijkvormig ben aan Hem. Ik vraag zelf, tegen mijn eigen verlangen in, of het veld mij wil veranderen.

Op deze manier verenig ik in mijzelf, in de loop van mijn ontwikkeling, twee krachten:

• De kracht die tegengesteld is aan dit veld: het veld is volkomen gericht op geven, terwijl ik volkomen gericht ben op ontvangen.

• De vorm van geven, waarin ik mijn kracht van ontvangen kleed.

In mij is de kracht van ontvangen, het wrede egoïstische verlangen, dat alleen uit is op persoonlijk gewin, en daar bovenuit kleed ik mijzelf in de tegengestelde vorm: de kracht van geven en liefde. Maar hoe kan ik weten hoe ik moet vragen om de kracht van geven? Uiteindelijk weet ik niet eens wat het is. Wat ik me ook maar voorstel, al mijn gissingen zijn gebaseerd op de kracht van ontvangen en maken het mij onmogelijk om werkelijk om veranderingen in mijzelf te vragen. Alles waarom ik vraag is gebaseerd op mijn eigen natuur en zal altijd gaan over ontvangen, soms verborgen of gecamoufleerd, maar toch over ontvangen.

Hoe kan ik aan dit veld vragen om mij werkelijk de kracht van geven te schenken, zodat ik deze kracht in mij kan gaan ontdekken, evenals de kracht van ontvangen, zodat ik twee krachten in mij heb, de ene tegengesteld aan de andere?

Daarvoor hebben wij een bijzondere wijze van bestaan gekregen: wij ervaren dat wij leven in een wereld, die vol mensen is zoals wij. Als ik het verlangen wil verkrijgen dat op geven gericht is, een vraag naar geven, kan ik mij met anderen verenigen, met ten minste één ander mens. Het kleinste meervoud is twee. Kabbalisten zeggen echter, dat het beter is als we minstens met z’n tienen zijn, omdat dit een afgeronde hoeveelheid is. Ik moet mij met hen gaan verenigen om het verlangen om te geven te bereiken.

Hoe kunnen wij ons met elkaar verenigen? Kabbalisten die de methode hebben ontdekt, leggen dit ook uit: ik moet bij hen gaan zitten, samen eten en drinken, met hen studeren en het belangrijkste is: de intentie vasthouden. Wat wil ik hierdoor bereiken? Het is belangrijk om niet te vergeten dat het mijn intentie is om het verlangen om te geven te bereiken. Baal HaSulam schrijft daarover: “Het belangrijkste is om niets anders te willen dan belangeloos te geven.”

Het blijkt dat ik met mensen werk, die naar hetzelfde verlangen, we zijn met elkaar in één groep en er is iemand die ons onderwijst. Hoe dit allemaal zo gelopen is, weten wij niet, het lijkt toeval. Maar in werkelijkheid brengt datzelfde veld ons bij elkaar, op dezelfde manier als een elektromagnetisch veld ijzervijzel langs de lijnen van evenwicht plaatst. In de ‘Inleiding tot de Studie van de Tien Sefirot’ schrijft Baal HaSulam, dat de Schepper een mens naar de groep brengt en zegt: “Dit is voor jou, neem het aan. Hier ligt jouw vrije keus.” De keus wordt alleen versterkt door de vrienden op het pad van het verlangen om te geven. Wij kunnen dat verlangen zelf niet bereiken, omdat de Schepper dat verlangen is. Maar we moeten met elkaar naar dit verlangen uit zien en er dan de behoefte aan voelen. Ik zal in mijn hart gaan voelen, dat ik dit geven mis en dat ik een gever wil worden.

Waarom wil ik dit? Dat zelfs weet ik niet. Het ontstaat, na lange tijd, misschien wel na tien jaar. Daar hebben wij dit leven voor gekregen. Langzaamaan komt er in het hart van een mens een verlangen en een behoefte naar de eigenschap van geven.

Alles staat hier onder de invloed van de eenvoudige ‘natuurkunde van krachten’: hoe krachtiger mijn hart de behoefte ervaart om te komen tot geven, hoe krachtiger het veld van geven mij beïnvloedt. Zo komen we er dichterbij: ik vanuit mijn behoefte aan geven en deze kracht vanuit de invloed ervan die op mij gericht is. Het resultaat ervan is, dat wij elkaar beginnen te voelen en er ontstaan innerlijke veranderingen in mij: aan de natuurlijke kracht van ontvangen wordt in mij een kracht van geven toegevoegd, deze komt in mij tevoorschijn.

Zo wordt er een correcte vorm ontwikkeld: een ontvangend verlangen en een gevend verlangen naar buiten toe: de vorm van een mens (Adam), gelijkvormig (domeh) aan de Schepper. Zijn verlangen naar ontvangen, de ‘scheppingsmaterie’, blijft bestaan en daar overheen wordt dit bedekt met een gewaad, een ‘omhulsel’, een verlangen om te geven.

Allereerst is er in mij de behoefte aan willen geven en als dit verlangen een zeker spanningsniveau in mijn hart bereikt heeft, beïnvloedt het veld mij door inductie, zo wordt ik in de kracht van geven ingeleid.

Tenslotte kleedt deze kracht zich in mij en ik word een soort voelende ‘sonde’, een ‘sensor’ voor dit veld. Stel je voor, dat ik in mij tien gram van het verlangen om te geven heb ontvangen. Allereerst ben ik nu hierdoor geboren, met andere woorden: ik begin het veld te voelen dat mij omringt. Ik voel dat ik erin leef, ik voel de eigenschappen ervan, de houding van dit veld naar mij en mijn houding naar dit veld. Naast het fysieke niveau waarop ik nu leef, krijg ik verbinding met dit veld op een ander niveau: de spirituele wereld en alleen zo bereiken we de Schepper.

Dit veld bevat alle informatie over het verleden, het heden en de toekomst, over alles wat er met mij en met de hele wereld gebeurt. Een mens die in verbinding blijft met dit veld, gaat begrijpen hoe hij er op de juiste manier contact mee kan maken en wat hij van dit veld kan vragen. Door dit veld bevinden wij ons in een enorme stroom van informatie, die de hele werkelijkheid vult. Hier leren wij wie de Schepper is, wat dit veld is, hoe we ermee in contact kunnen komen en hoe we met het hele systeem te werk moeten gaan. Zo stijgt een mens steeds hoger en wordt hij meer en meer opgenomen in de spirituele wereld. Dit alles komt alleen van het verlangen om te geven, dat hij in zichzelf heeft ontvangen vanuit dit veld.

Terugkomend op het verlangen om te geven, er is een voorwaarde aan verbonden: een mens moet ernaar verlangen om een gever te worden. En wie zouden dat willen? Speciale mensen, met een punt in het hart, dat wil zeggen: met een zwakke lading die hen richt naar het veld van geven waar zij deel van uitmaken.

En de anderen dan? Anderen kunnen daar niet naar streven. Zij kunnen, zoals de eerste Kabbalisten, het veld alleen ontdekken door middel van het pad van lijden en tegenslag, van angst en onbegrip ten opzichte van de oorzaak van wat er gebeurt, en in het algemeen door de vraag naar de zin van het leven.

Naarmate we deze situatie naderen, komen we bij het huidige punt in de geschiedenis. Het pad van lijden van de wereld is nu enigszins onthuld. Veel mensen, misschien wel alle zeven miljard, stellen al vragen zoals: “Waar leven we voor? Wat is de zin van het leven? Waarom lijden we zo?” Deze vraag die van hen komt, kunnen we niet beantwoorden. Bovendien weten zij niet wat zij met dit lijden aan moeten. Zij begrijpen en voelen alleen deze wereld.

Hier komen we bij het verschil met de mensen met een punt in het hart. Wij moeten voor anderen worden wat de Schepper voor de schepping is. Wij zijn namelijk in staat om hen te verbinden met het veld van geven en dit is onze opdracht, Baal HaSulam beschrijft het in het artikel: ‘Arvut’ (Verantwoordelijk zijn voor Elkaar). Daarom worden wij ons en masse bewust van de hogere Kracht, en anderen ontvangen dit bewustzijn van ons. Dit is ons werk.

Dus: “het belangrijkste is niets anders te willen dan belangeloos te geven.” Wij kunnen hiernaar verlangen vanuit bewustzijn en inzicht, omdat aan ons een klein deeltje is gegeven, een vonkje van dit veld en met de hulp daarvan kunnen we onze koers bepalen en streven naar dit veld, met het doel om het te onthullen. Door onze vonken met elkaar te verenigen, zullen wij in staat zijn om aan het veld de kracht van geven te vragen. Anderen zijn hier echter niet toe in staat, zij hebben onze leiding nodig.

From the 1st part of the Daily Kabbalah Lesson 6/21/12, Shamati #30

Elke Vriend Is Kostbaar

Dr. Michael LaitmanOm het Licht enigszins te kunnen ervaren moeten we oefenen, en oefenen is alleen mogelijk in de groep. Voorbeeld: een danser begint met mij verschillende bewegingen uit te voeren. Een stap naar voren, een stap naar achteren, een rondje draaien, enz. De groep staat voor mij en ik kan hen voelen, met hen werken en zo verder komen.

Ja, dit is heel onaangenaam voor mijn egoïsme, want ik moet telkens weer voorrang geven aan de groep in plaats van aan mezelf, maar dit brengt mij tot deze ‘tango’. Vrienden laten hun verlangen horen en ik moet hen daarin volgen. Zoals er staat geschreven: “Cijfer je verlangen weg voor Zijn verlangen”. Ik leer hoe ik mijn hoofd moet buigen, het verlangen van de groep moet accepteren als mijn leidende partner en tot samenwerking komen, tot eenheid met de vrienden. Ik begin te voelen wat zij verlangen. Het blijkt dat mijn danspartner betrouwbaar is, dichtbij, toegewijd en oprecht. Ik werk voor hem en hij werkt voor mij. Dan ontstaat er vanuit onze eenheid een echte groep.

De ‘groep’ betekent: één enkel verlangen van vrienden om met elkaar verenigd te zijn. Er bestaat geen ‘ik’ of  ‘zij’ in dit verlangen dat onder ons geboren is, maar er is één geheel, een nieuwe werkelijkheid, niet de verbinding zelf, maar het resultaat ervan.

Dit is de spirituele vrucht die uit de baarmoeder van de moeder is gekomen. Daarin nemen wij de Ene waar en het Licht, de Schepper wordt erin onthuld, in dat verlangen waaraan wij geboorte hebben gegeven, wat wij gecreëerd hebben, wat wij hebben bereikt door één geheel te worden. Er kan geen verdeeld veelvoud bestaan, maar alleen eenheid regeert.

Baal HaSulam schrijft hierover in Brief 13: Naast de grote kracht die erin verborgen is, moeten jullie weten dat er vele vonken van heiligheid in elk van de vrienden aanwezig zijn. Als je al deze vonken bijeenbrengt op één plek, als broeders in liefde en vriendschap, bereik je in dat uur ongetwijfeld een heel verheven intensiteit van het niveau van heiligheid.

Een mens kan zich op verschillende manieren opgenomen voelen in de groep, dit kan in golven komen en gaan, van harte of slechts ten dele van harte. Toch heeft een ieder van ons een uniek deeltje van het Licht, dat hem uit de bodem van deze wereld trekt en daarom moeten wij waardering hebben voor iedereen. Dit geldt trouwens in gelijke mate voor mannen en vrouwen.

Onze lichtvonken zijn een werkelijk geschenk van Boven. Een mens wordt menselijk (Adam) genoemd als dit lichtvonkje hem trekt naar gelijkvormig (Domeh) worden aan de Schepper. Als hij geen lichtvonk heeft, behoort hij nog tot het ‘dierlijke’ niveau.

Wij spreken hier niet over onbekwaamheid. Sommige mensen krijgen nu eenmaal de ‘dubbele’ taak om eerder geboren te worden dan anderen en anderen te helpen om spiritueel geboren te worden. Zij vormen het hoofd van de mensheid en moeten hen vooruit leiden.

Daarom moeten wij begrijpen dat iedere vriend een speciale wijze van denken en voelen van Boven heeft ontvangen, van het Licht dat in hem gekleed is. In zijn ziel, in zijn spirituele wortel, is iets heel speciaals dat in hem geplaatst is, op die manier is hij dichtbij het Licht en ontvangt hij zijn taak.

Natuurlijk verheft hij zich niet op een egoïstische manier boven de mensheid. Wij respecteren de vriend omdat er aan hem een speciale taak is gegeven om te dienen. Wij kijken niet op anderen neer, want deze opdracht is niet van ons afhankelijk.

Daarom moeten wij iedere vriend respecteren. Hij werd door Boven, door het Licht, uitgekozen om mijn partner te worden. Zonder hem kan ik niet geboren worden, en de mensheid evenmin.

From the Miami Convention 6/23/12, Lesson 1

Mijzelf Binnenstebuiten Keren

Dr. Michael LaitmanAlles wordt bepaald door de innerlijke intentie, daar zijn geen woorden voor nodig. Als wij ons ervan bewust zijn, dat wij voortdurend met elkaar verbonden moeten zijn en eraan werken om alle verstoringen te overwinnen, op gezamenlijk gebied in de groep en in wat een ieder voor zichzelf daarin tegenkomt, hebben we de juiste intentie.

Naar deze intentie keren we steeds terug tijdens de lessen, als wij gedurende de dag naar opnamen luisteren en als wij het blog lezen. Op deze manier help ik mijzelf er steeds aan herinneren en breng ik mijzelf elke keer weer terug naar de intentie om te verbinden. Bovendien draag ik er zorg voor dat alle vrienden met elkaar verbonden zullen zijn, omdat wij de Schepper zullen ontdekken als wij een krachtig, collectief verlangen hebben.

Als deze alomvattende kli (vat) niet bestaat, zullen wij de onthulling niet bereiken.

Deze voorwaarde is geen gril van de Schepper of van het hogere Veld, die eruit zou bestaan dat wij eerst op één plaats zouden moeten betalen om later ergens anders iets te ontvangen, zoals in een winkel. Dit bestaat niet in spiritualiteit.

Het is noodzakelijk dat je een behoefte voelt, de behoefte naar die eigenschap van geven, want alleen dan zul je in staat zijn om deze eigenschap te ontdekken. Nu ben je er ook van alle kanten door omgeven. Je bevindt je in dit hogere Veld maar je kunt het niet ontdekken, omdat je er geen behoefte aan voelt. Dus waar schreeuw je om?

Je weet niet eens wat de eigenschap van geven is of het hogere Veld waarnaar je verlangt. Je schreeuwt het uit over iets heel anders, namelijk over het feit dat je geen vervulling hebt gekregen voor je verlangen om te ontvangen, voor je ego. Als je werkelijk behoefte zou hebben aan de eigenschap van geven, zou je dit meteen ontdekken in dit Veld.

Uiteindelijk bevind je je in dit veld, maar jouw behoefte, je verlangen om het waar te nemen, is op dit moment zwak. Het zou kunnen dat dit verlangen zich op de tegengestelde richting concentreert, niet met het doel om de eigenschap van geven te ontvangen, maar alleen om ervan te genieten

Je kunt controleren of je in dezelfde richting als dat Veld gefocust bent door de eigenschap van geven te gebruiken als je probeert om je met anderen te verbinden. Dan zul je ontdekken of je je werkelijk wilt verbinden of niet, of je geven en liefde nodig hebt of niet.

Pas als wij ermee beginnen om ons, boven ons ego uit, te verbinden in de groep, zullen wij de innerlijke eigenschappen ontvangen die nodig zijn voor contact met het hogere Veld, met de Schepper, en wij zullen Hem vragen om de kracht van correctie. Daarom is het werk in de groep de essentiële, eerste voorwaarde. Daarom staat er geschreven: “Van de liefde voor het schepsel naar de liefde voor de Schepper”.

Daarom vond het breken van de verlangens plaats, zodat wij in het werk met anderen in staat zullen zijn om te ervaren, dat de eigenschap van geven noodzakelijk is en dat wij er behoefte aan hebben. Het allerbelangrijkste is het verlangen om belangeloos te leren geven.

From the 1st part of the Daily Kabbalah Lesson 6/21/12, Shamati #30

 

De Ronde Tafel Discussie Samenvatten

Dr. Michael LaitmanVraag: Wat zou u aan het einde van de ronde tafel discussie zeggen, zou u de resultaten ervan opsommen?

Antwoord: Ik zou het volgende zeggen: We hebben geprobeerd om ons met elkaar te verbinden, om boven onze meningsverschillen uit te stijgen en we hebben geprobeerd om de verbinding te ervaren als het meest kostbare wat er bestaat. Het is ons duidelijk geworden dat wij, als we ons met elkaar verbinden, in staat zijn om verschillende problemen op te lossen. Als we doorgaan met de ronde tafel gesprekken, hebben we de mogelijkheid om resultaat te behalen.

Dan zullen we op een veel betere manier kunnen leven, zonder conflicten en oorlogen en iedereen zal tot die conclusie komen. Alle lagen van de maatschappij kunnen deel uitmaken van deze verbinding. Het hoeft niemand aan iets te ontbreken, en het is de veiligste manier om problemen op te lossen.

Als wij ons best blijven doen om ons tijdens zulke discussies met elkaar te verbinden, kunnen we een algemene consensus bereiken, eenheid, begrip voor elkaar. Vertegenwoordigers van alle lagen van de maatschappij zullen zich met elkaar verenigen, met elkaar praten en elkaar beter begrijpen. Zij zullen proberen om zich met elkaar te verbinden boven alle verschillen uit en zij zullen niet naar elkaar wijzen en elkaar de schuld geven.

Wij brengen onszelf naar een niveau waarop wij allereerst denken aan onze verbinding. Dan zullen wij, vanuit deze verbinding, zoals in een gezin, alle problemen oplossen die een ieder van ons heeft.

Er bestaat geen andere benadering om de natuurlijke hulpbronnen eerlijk te verdelen op een manier waar niemand bezwaar tegen heeft. Eerst moeten we kunnen samenwerken, dan kunnen we al zien wat een ieder wenst en besluiten hoe wij het met elkaar kunnen oplossen. Maar als wij de natuurlijke hulpbronnen verdelen zonder deze verbinding, zullen er verschrikkelijke oorlogen ontstaan en zij die het sterkste zijn, zullen proberen om het grootste deel in bezit te nemen. Dan zullen we nooit in vrede en overeenstemming met elkaar kunnen leven.

From the Workshop in Toronto 6/20/12 

Een Lichte Veer Die Honderd Ton Weegt

Dr. Michael LaitmanVraag: Wat voor soort inspanningen zijn er nodig om in spiritualiteit verder te komen? Kan ik een vriend daarbij helpen of pak ik daarmee het werk van hem af dat hij moet doen?

Antwoord: Inspanningen gaan over alles wat boven mijn menselijke mogelijkheden ligt. Ik kan iemand anders niet helpen om zijn werk af te maken, maar ik kan wel een voorbeeld voor hem zijn, zodat het voor hem gemakkelijker zal zijn om zich in te spannen.

Op die manier pak ik zijn werk niet af, maar help ik hem juist. Hoe meer we elkaar helpen door een voorbeeld te zijn, zodat het voor een vriend zelfs gemakkelijker zal worden om zich in te spannen, hoe efficiënter we verder zullen komen.

Op deze manier ruilen we fysieke inspanning in voor spirituele inspanning! Dan lijkt het fysieke werk heel moeilijk, maar het spirituele werk lijkt heel gemakkelijk, omdat je de kracht van de groep eraan toevoegt. Het resultaat ervan is, dat je een last van 100 ton in beweging moet krijgen en dat je deze last ook in beweging krijgt, maar je hebt daarbij de hulp van een miljoen mensen, die samen met jou de last vooruit duwen.

Je hoeft het gewicht van de last van 100 ton niet te voelen. Deze 100 ton zijn noodzakelijk, want alleen daardoor zul je in verbinding komen met een miljoen mensen.

Daarom is zinloos lijden niet nodig, alles wat we hebben te doen is begrijpen waarom we lijden.

Als je in een bepaalde situatie moeilijkheden voelt, pijn, weerstand en verdriet, betekent het dat je je niet op de juiste manier inspant. Zoals er geschreven staat: “Je hebt Mij niet aangeroepen, O Jacob”. Als je met veel inspanning en zweet de last draagt die je door de Schepper wordt gegeven, betekent dat, dat je je niet op de juiste manier inspant, dan behoort deze last aan iemand anders, niet aan de Schepper.

Het plezier in het werk bestaat eruit te weten voor Wie we ons inspannen.

From the 1st part of the Daily Kabbalah Lesson 6/15/12, Shamati #117

Drie Niveaus In Een Groep

Dr. Michael Laitman   Gewoonlijk bevinden wij ons op één van de volgende drie niveaus met betrekking tot onze vrienden:

1. De vriend en de groep zijn groter zijn dan wij, met andere woorden: wij beschouwen onze vrienden en de groep als hoger dan wijzelf, om hun grootheid te voelen.

2. De vrienden en de groep zijn op een lager niveau dan wij.

3. Zij zijn gelijk aan ons.

Als ik hen beschouw als groter dan mezelf, plaats ik me in een situatie waarin ik van hen kan leren, van hen kan ontvangen wat zij hebben, zoals iemand die klein is leert van iemand die groter is. Ze zijn in staat om mij te beïnvloeden. Ik ontvang hun energie, kracht en enthousiasme.

Als ik hen beschouw als kleiner dan mezelf ben ik in staat om aan hen te geven, zoals een groot mens geeft aan een kind.

Ik voel in beide gevallen een bepaalde vorm van communicatie met hen, als ik van hen de grootheid van het Doel ontvang, en ook als ik hen deze grootheid kan laten ervaren door de kracht die ik heb, door wat ik doe voor de grootheid van het Doel, de grootheid van eenheid. Dit alles vindt plaats om tot een staat te komen, waarin ik mij aan hen gelijk voel. Dan zijn we echt vrienden.

Wanneer ik hen boven mij ervaar zijn zij mijn leraar. Wanneer zij lager zijn dan ik, zijn zij de studenten. Alleen als we gelijk zijn aan elkaar zijn we vrienden. Op deze manier stemmen we onze gedachten af op de groep. En ik ben altijd oplettend: waar kan ik iets toevoegen, wat kan ik ontvangen en waar kan ik volledig aan hen gelijk worden.

Deze vergelijking moet ik altijd als doel hebben. En de staat waarin ik beneden of boven hen ben, is de staat waarin ik mij op hen afstem.

From the Vilnius Convention 3/23/12, Lesson 2