Tag Archives: Innerlijk Werk

Het Keuzepunt Tussen Twee Afgronden

Dr. Michael LaitmanRabash: ‘De Verbinding tussen Genade en Oordeel’: … als er een zichtbare Voorzienigheid is, is er geen plaats voor keuze. De Hogere heeft daarom Malchut, namelijk Midat Ha Din (de eigenschap van Oordeel) naar de Eynaim (ogen) verheven. Dit creëerde  verborgenheid, hiermee werd het duidelijk voor de lagere dat er een gebrek aanwezig is in de Hogere.

Enerzijds is de Hogere verheven, anderzijds vindt de lagere Hem onaantrekkelijk: er is iets wat afstoot. Enerzijds is de vonk in het verlangen (het punt in het hart) bezorgd, want het wil spiritualiteit bereiken. Bovendien oefent de buitenwereld druk op ons uit en komen er talloze negatieve omstandigheden op ons af, er worden ons geen aangename dingen beloofd, behalve wat ons misschien in de toekomst te wachten staat. Anderzijds moeten we een compromis sluiten, omdat we duidelijk een gebrek zien in de Hogere.

Wat voor gebrek is dat? De Hogere is niet zo schitterend, aantrekkelijk en mooi als wij dachten.

In die staat worden de eigenschappen van de Hogere samengevoegd met degene die  lager is, dit wil zeggen dat de eigenschappen gebrekkig zijn. Hieruit volgt dat deze Kelim (vaten) gelijkvormig worden aan degene die lager is: omdat er geen ondersteuning is in de lagere, is er geen ondersteuning voor de Hogere eigenschappen.

Dit zijn de gevoelens waar de lagere doorheen gaat: eerst verlangde ik werkelijk naar het volgende niveau, ik rende er steeds sneller naartoe, en toen ontdekte ik wat mijn volgende stap betekent. Deze bleek te bestaan uit eenheid en liefde voor mijn vrienden. Het blijkt dat ik hen allemaal moet voelen als één hart, ik moet ook veel dingen opgeven, bovendien moet ik heel veel oefenen en blij zijn met wat ik doe. Maar ik voel me helemaal niet blij …

De plek tussen twee afgronden is in feite een keuzepunt. Elke dag voelt een ieder van ons een oneindig aantal van deze punten. Als het ons lukt om ze te grijpen en de goede eruit te halen, als we dat in ieder geval proberen, zouden we de Hogere daarin binnen de kortste tijd ontdekken. We zouden zo niets missen! Maar als deze momenten er zijn, hebben we daar helemaal geen behoefte aan, we geven ons gewoon over aan onze gevoelens en we gaan verder met ons ellendige leven.

Als we onze volgende, hogere en meer gevorderde staat analyseren, ontdekken we daarin de noodzaak tot grote betrokkenheid en dat bezorgt ons huidige egoïsme heel veel problemen. Je moet je vrienden liefhebben, hen dienen, aan hen denken en goed voor hen zorgen, hen beter behandelen dan je jezelf behandelt.

Wie heeft daar behoefte aan? Zijn we in staat om dat te doen? Betekent dit, dat we een gebrek in de Hogere ervaren of dat we niet genoeg energie en levenskracht in Hem vinden? Soms ervaren we een paar minuten een mooi gevoel, inspiratie, maar gewoonlijk is het precies andersom.

Dit wordt ‘neergang’ genoemd: je voelt geen leven in de Hogere, ook niet in de staat van geven, liefde of eenheid. Je hebt geen zin om jezelf te corrigeren.

In die staat is er ruimte om te kiezen.

Dit is nu precies een staat die ons een keuze biedt. Het is een heel belangrijk moment voor zelfonderzoek: ik wil niets, ik heb nergens behoefte aan, ik word steeds zwakker en ik ben alleen bereid tot overgave, als de staat waarin ik me bevind verandert zonder dat ik er iets aan doe. Er is voor mij niets aantrekkelijks meer, niet in mijn fysieke leven en niet in mijn spirituele leven: in beide werelden voel ik me hopeloos.

… de lagere moet zeggen dat de verborgenheid die hij voelt bestaat, omdat de Hogere zich heeft begrensd ten gunste van de lagere. Dit wordt beschreven als: “Wanneer Israel in ballingschap is, is Gods Aanwezigheid met hen.”

Wij moeten in dergelijke omstandigheden tot het begrip komen, dat de Hogere met opzet ‘dit spel’ met ons speelt. Hij kan het niet op een andere manier doen, Hij kan me niet omarmen en me laten opstijgen als een luchtballon. Als Hij dat zou doen zou ik nooit iets bereiken en ik zou voor altijd een klein kind blijven, aan de hand van de volwassene. Natuurlijk voelt zo’n kind zich goed en veilig, hij kan zelfs op zijn eigen niveau spelen, maar zo wordt hij niet groter.

De lagere groeit alleen als hij ernaar streeft om de Hogere te bereiken. Je kunt niet afwachten zonder zelf te oefenen. De Hogere zal de lagere niet opheffen als de lagere niet deelneemt aan het proces. In dat geval zou de Hogere de lagere gewoon ‘vernietigen’ door hem niet te laten groeien en verder te laten komen. Je kunt het vergelijken met de situatie waarin ouders het huiswerk voor hun kind maken.

We moeten dus beseffen dat de Hogere ons absoluut ieder moment helpt. We hoeven zelfs geen seconde te wachten op iets wat van Zijn kant plaatsvindt, want van Zijn kant bestaat er geen enkele aarzeling. Vanuit het standpunt van de Hogere zijn we altijd in een optimale staat om verder te komen. We moeten voortdurend letten op allerlei tekenen waarmee Hij zich tot ons richt en vanuit Zijn bedoeling afdaalt naar onze huidige staat.

… wat voor smaak men ook proeft, men zegt dat het niet zijn eigen fout is dat hij geen levendigheid proeft, maar dat er vanuit zijn gezichtspunt werkelijk geen leven is in de Hogere.

Maar je moet goed begrijpen wat er aan de hand is.

En als men sterker wordt en zegt dat de bittere smaak die hij proeft in dit voedsel alleen bestaat, omdat hij niet de goede kelim (vaten) heeft om de overvloed te ontvangen, omdat hij kelim heeft om te ontvangen en niet om te geven, en het betreurt dat de Hogere Zich moet verbergen …

Dus onze kelim, onze verlangens zijn corrupt. Als de Hogere naar ons zou afdalen, zouden we Ein Sof (Oneindigheid) voelen, want elke volgende stap die we maken betekent voor ons de wereld Ein Sof. Maar deze wereld is voor ons nog niet toegankelijk: wij herkennen deze wereld niet in onze kelim. Wij nemen dit alleen waar in ons heel beperkte bewustzijn, terwijl er iets enorm groots met talloze facetten voor ons staat. We zien het hogere niveau gewoon niet, het vervult alles om ons heen van de ene horizon tot aan de andere, onze ruimte wordt door geen enkele grens afgebakend.

Het resultaat daarvan is, dat de Hogere naar ons neerdaalt in de vorm van een depressieve, onveilige en corrupte wereld. Bovendien naderen we staten en gevoelens die voor ons zelfs nog angstwekkender zullen zijn. De Hogere verlaagt ons zodat wij Hem zullen voelen. Hoe lager Hij is, hoe slechter wijzelf en de wereld om ons heen ons toeschijnen, omdat onze eigenschappen tegengesteld zijn aan die van Hem.

Daarom bevinden we ons nu in een crisis: de Hogere nadert ons, zo laat Hij ons onbewust het verschil voelen tussen Hem en ons. De ‘crisis’ is een kloof tussen onze huidige staat en de staat van de Hogere. Wij moeten in balans komen en met Hem in harmonie blijven, daarvoor is integrale educatie nodig, dat zal ons helpen om Hem beter te begrijpen.

In het algemeen gesproken is dit een punt van vrije wil. We moeten goed beseffen dat alles wat we voelen buiten Ein Sof om, een situatie is die speciaal voor ons door de Hogere is gecreëerd om ons de kans te geven om te kiezen.

Dit betekent dat we ons niet schuldig hoeven te voelen over het feit dat de wereld waarin wij leven slecht is en dat we ons hier in een ellendige toestand bevinden, maar wel over het feit dat de Hogere naar ons moest neerdalen, Zich klein moest maken en Zich veel kleiner dan Hij in werkelijkheid is aan ons moest tonen, en dat Hij ons zelfs de indruk moest geven dat Hij afstotelijk en slecht zou zijn.

… dit geeft de lagere gelegenheid om kwaad te spreken; dit wordt beschouwd als MAN, dat de lagere laat opstijgen.

Enerzijds merken we dat de Hogere laag is, bovendien is het hogere niveau voor ons nog niet aantrekkelijk. Anderzijds erkennen we dat het op ons alleen zo overkomt door onze zintuigen. Als we de wereld door de juiste kelim zouden waarnemen, zouden we de Hogere beschouwen als Ein Sof in ons. Deze tegenstrijdigheid is de kern van het verschil tussen het bestaan hier en de wereld van Oneindigheid.

Op dit punt laten wij MAN opstijgen: ons verzoek om correctie. We gaan op zoek naar mogelijkheden om Hem te rechtvaardigen, we willen niets anders dan Hem volledig rechtvaardigen. Laat de staten waarin wij zijn maar hetzelfde blijven, laten onze situaties ons maar nooit meer aangename gevoelens geven, we hebben maar één ding nodig: Zijn daden rechtvaardigen en Hem danken voor wat Hij doet. Als wij zo handelen, vragen we niet voor ons eigenbelang, maar alleen voor het belang van de Hogere. We vragen om kracht en begrip, maar we vragen niet om gevoelens, we moeten er alleen zorg voor dragen dat wij Hem rechtvaardigen en het maakt niet uit of wij ons slecht blijven voelen. Als we betere gevoelens krijgen, zouden we hem vanuit egoïsme prijzen. Nee, dat hebben we niet nodig. Integendeel, we willen dat onze gevoelens hetzelfde blijven, maar we willen ook dat ons begrip en onze waarneming veranderen. Zo groeien we.

Wij bestaan uit twee delen: intellect en gevoelens, ambities en verlangens. We gaan voorwaarts en gebruiken daarbij deze beide delen zoals we onze beide benen gebruiken als we lopen. Ik wil bijvoorbeeld in mijn huidige gevoelens blijven en door op dit ‘been’ te ‘steunen’ maak ik een stap voorwaarts met mijn andere ‘been’, dat wil zeggen dat ik niet meer blind ben, maar mijn huidige staat erken en rechtvaardig. Of ik wil bijvoorbeeld mijn intellect uitbreiden, als mijn gevoelens dan intact blijven, kom ik werkelijk verder omdat ik mijn emotionele staat rechtvaardig, hoewel ik nog steeds lijd, maar ik besef dat ik groei dankzij mijn moeilijkheden. Ik word niet verleid of omgekocht door een goed gevoel.

Later, als ons intellect zich uitbreidt, steunen we op ons nieuwe intellect en als dat standhoudt, zullen we naar het volgende niveau van gevoelens opstijgen. Bovendien zullen onze emoties het intellect niet overschaduwen, zoals dat gebeurt als genot ons ertoe dwingt om ons verstand te verliezen.

Het is andersom, we maken een stap vooruit met één ‘been’ en tegelijkertijd steunen we op het andere ‘been’. Als we onze emoties ‘vastzetten’ rijst ons intellect; als we ons intellect ‘vastzetten’ rijzen onze gevoelen. Het gevolg hiervan is dat we door eindeloos veel veranderingen heengaan, zowel in ons intellect als in onze gevoelens.

 From the North Convention of Unity 9/20/12, Lesson 2 

 

 

De Ladder Van Kabbalisten

Dr. Michael LaitmanBaal HaSulam, in ‘De Sjofar van de Messias’: En daarom stond Rashbi het zichzelf toe en ontsloot hij de Wijsheid van de verborgenheid in zijn boeken: De Zohar en de Tikkunim. Hij deed dit echter met grote zorg, want hij gaf alleen Rabbi Abba toestemming, hij was degene die de Wijsheid met omzichtigheid kon openen, zodat alleen de kinderen Israëls het zouden begrijpen en de wijzen van de wereld het niet zouden begrijpen.

Een Kabbalist die de spirituele wereld bereikt, lijkt op een wetenschapper die iets belangrijks ontdekt. Als je hem vraagt om zijn ontdekking uit te leggen, kan hij de woorden er niet voor vinden en hij kan geen duidelijke, samenhangende definitie geven. Om dat te kunnen hebben we bekwame mensen nodig, die de weg banen voor anderen, zodat zij de top van de kennis kunnen bereiken.

Als wij nu spreken over het eerste samengaan: Rabbi Abba kon de woorden van Rabbi Shimon zo herschrijven, dat zij zelfs Licht schijnen voor beginners, voor hen die aan de voet van de wijsheid van Kabbalah staan, en degenen helpen die vorderen op de spirituele niveaus die men kan bereiken. Hij ordende het materiaal op een zodanige, samenhangende wijze, dat er van het ene niveau naar het andere een geleidelijke overgang gemaakt kan worden. Zelfs als een gewoon mens iets wil ontvangen, zoals een baby die instinctief zijn mondje opendoet, is dat voldoende. Hij heeft al een spijsverteringssysteem en dat betekent dat het voedsel, dat hij van de volwassenen ontvangt, hem zal helpen groeien.

Rabbi Abba wist hoe hij dat moest doen: omzichtig ontsluiten en zo zelfs aan de beginner de mogelijkheid bieden om de geheimen te naderen. Rabbi Shimon bereikte het hoogste niveau en Rabbi Abba wist hoe hij zijn woorden naar beneden, naar deze wereld, kon brengen en ze pasklaar kon maken, zodat wij van niveau naar niveau kunnen opstijgen. Daarom is Het Boek de Zohar een spirituele ladder voor ons.

Baal HaSulam maakte Het Boek de Zohar zelfs nog beter geschikt voor de moderne tijd, door middel van zijn Commentaar op Het Boek de Zohar. We denken dat hij Kabbalistische termen toevoegde, maar dat is niet waar, het gaat over iets anders. De toegevoegde uitleg voegt op zich niets toe. In tegendeel, een mens die de innerlijke essentie van dit boek wil leren, kan er juist een gevoel van verwijdering door krijgen. Dit komt omdat iemand zichzelf dan alleen met kennis vult.

Nee, Baal HaSulam vergemakkelijkte onze weg nog meer, zodat wij eraan vast kunnen blijven houden en verder kunnen komen, met zowel hoofd als hart. Kabbalisten waren zorgzaam en letten er zorgvuldig op hoe zij deze weg konden banen, de ladder, en ons toegang konden verlenen.

Vraag: Wij zouden de wijsheid van Kabbalah ook willen verspreiden in een heldere verpakking en tegelijkertijd met een ‘inhoud’ die mensen verder zal brengen. Hoe kunnen we dat doen?

Antwoord: Het is op het instinctieve niveau in ons geprent, omdat wij studeren via de methode die Kabbalisten ons hebben doorgegeven. Iemand die hier studeert en toegewijd is aan dit pad, heeft dit in bezit, dankzij de verbinding tussen Rabbi Shimon en Rabbi Abba.

Alles is afkomstig uit Het Boek de Zohar en alleen die spirituele wortel werkt voor alle generaties: het hoogste spirituele niveau (Rabbi Shimon) en het pad, de toegang er naartoe (Rabbi Abba). Alle andere vrienden uit Rabbi Shimon’s groep, inclusief zijn zoon Rabbi Elazar, die over het einde van de correctie spreekt, maken deel uit van dit systeem.

Dit is dus de betekenis van ‘omzichtig ontsluiten’: zelfs tijdens de verborgenheid wordt alles wat een mens nodig heeft onthuld terwijl hij onderweg is.

From the 4th part of the Daily Kabbalah Lesson 9/5/12, “Messiah’s Shofar”

Met Een Gedachte Aan De Schepper


Vraag: In wat voor staat en met wat voor gedachten kunnen we het beste gaan slapen?

Antwoord: Hier hebben we al vaak over gesproken. Je gedachten moeten zo zijn, als je gaat slapen, dat je ’s morgens als je wakker wordt het gevoel hebt, dat je voortdurend met de Schepper in verbinding was, niet zozeer met de groep, maar met de Schepper.

Nog een klein ‘maar’: Als je zowel aan de groep als aan de Schepper denkt, raak je volkomen in de war. Voordat je ’s avonds gaat slapen, moet je proberen om met Hem in persoonlijk contact te komen en dan hiermee in slaap vallen, zodat je hiermee ook wakker wordt.

From the Preliminary Lesson 8/16/12, Kharkov Convention “Uniting to Ascend”

En Wat Zou Je Doen In Het Paleis Van De Koning?

Dr. Michael LaitmanOm een mens naar het bereiken van de werkelijke realiteit te brengen, namelijk buiten de beperkingen van zijn waarneming, zijn begrip en zijn gewone gevoelens, leidt de Schepper ons door een ontwikkelingsproces heen dat trapsgewijs verloopt. Op deze manier hebben we, nu we in deze wereld leven, de mogelijkheid om ons voor te bereiden op het ervaren van de werkelijke realiteit. Als wij ons daarop voorbereiden zullen wij – volgens het scheppingsplan dat aan ons werkt en dat ons dichter bij deze werkelijke realiteit brengt – uiteindelijk deze werkelijkheid ontdekken, dan zullen wij namelijk de onthulling van de Schepper aan Zijn schepselen bereiken.

Maar als wij ons niet op de juiste manier voorbereiden en ons leven niet gebruiken om onze waarneming te corrigeren, maar vanuit ons ego van het leven proberen te genieten, voelen we pijn als de Schepper ons naderbij komt. Overal waar wij vanuit ons ego handelen, voelen we de grote, globale crisis en verschillende problemen op allerlei terreinen van ons leven.

Overal waar we gebruik maken van een ongecorrigeerd ego dat niet wil veranderen, voelen we de crisis: op het gebied van educatie, cultuur, economie, financiën, ecologie, in gebroken gezinnen, terrorisme en drugsgebruik. Als we kijken naar de pijnlijke plekken van onze denkbeeldige wereld en we de oorzaak proberen te ontdekken van het crisisgevoel en de pijn die we ervaren, van de bittere smaak van alle heerlijke gerechten op de tafel van de Koning, ontdekken we, dat de bittere smaak uit ons groeiende ego voortkomt.

Overal waar ons ego bij betrokken is – wat bedoeld was om gecorrigeerd te worden, maar zich daarop niet heeft voorbereid – komen we een crisis tegen en alle andere problemen die we nu in de wereld ervaren. De conclusie is dus, dat we ons moeten voorbereiden op correctie met behulp van alle mogelijkheden die we daarvoor hebben.

Als wij serieus in de groep werken, studeren en disseminatiewerk doen en gebruik maken van alle mogelijkheden die ons door de Schepper gegeven worden, ervaren we een heerlijke, zachte smaak als we dichter bij de onthulling van de Schepper komen en geen bittere smaak. Het hangt uitsluitend van onze voorbereiding af, van het werk waarin we ogenschijnlijk een vrije wil hebben.

Je bent naar de studie gebracht en naar de groep en je hebt alle uitleg gekregen over wat je moet doen, nu gaat het over jouw besluit! Je bent vrij om alles te doen wat jij vindt passen in het paleis van de Koning, maar als je vergeet dat je daar bent gekomen om je voor te bereiden op het feestmaal, zul je een afschuwelijke smaak ervaren als de maaltijd er is, want je hebt je er niet op voorbereid. Alles is dus in jouw handen en alles hangt af van de voorbereiding.

From the 1st part of the Daily Kabbalah Lesson 7/13/12, Writings of Baal HaSulam 

De Strijd Tegen Onverschilligheid

Dr. Michael LaitmanVraag: Wat geldt voor ons als inspanning?

Antwoord: De belangrijkste inspanning in het werk heeft betrekking op onverschilligheid, minachting, het gevoel dat geven niet belangrijk is. We moeten onophoudelijk strijd voeren tegen de minachting ten aanzien van geven, dit is het belangrijkste. Hierbij moeten we altijd op zoek gaan naar elementen die ons sterker kunnen maken.

From the 1st part of the Daily Kabbalah Lesson 7/12/12, Writings of Rabash

De Weg Naar Het Licht Openen

Dr. Michael LaitmanVraag: Tijdens de Conventie zei u, dat wij met het probleem te maken hebben, dat wij al onze intenties nog niet met elkaar kunnen verbinden: ik, die gecorrigeerd moet worden, de vrienden, de Schepper en de wereld. Wat belet ons op weg naar de ene, verenigde intentie, die alle elementen bevat?

Antwoord: We moeten alles voortdurend innerlijk ophelderen, zoals: waar moeten we aan denken om het Corrigerende Licht aan te trekken. Er staat geschreven: “Het is beter om stil te zitten en niets te doen,” want als je niet weet wat je moet doen, kan je zelfs nog meer schade berokkenen. Je kunt dit vergelijken met macht geven aan een klein kind of aan iemand die niet weet waar hij mee bezig is: dan kan er alleen maar schade ontstaan.

Enerzijds is het dus voor ons verborgen, zodat wij onszelf en anderen geen schade berokkenen. Anderzijds is het de vraag hoe we dichterbij de juiste manier van handelen kunnen komen. Het blijkt, dat we voortdurend aan de juiste intentie moeten denken en alleen in de mate waarin wij dat doen, komen we dichter bij het Licht. Er zijn Masachim (schermen) die het Licht voor ons verbergen, omdat onze verlangens onjuist zijn. Op het moment dat ons verlangen de correcte staat benadert, verdwijnen deze Masachim.

Op deze manier moet een ieder zichzelf voortdurend beoordelen en besluiten hoe hij op de juiste manier zijn krachten moet inzetten. Het leven helpt ons, algehele wanhoop, doelloosheid, verwarring en de situatie waarin de wereld zich nu bevindt, helpen ons. Wij worden niet meer uitgelachen, zoals het zo’n twintig jaar geleden plaats vond en in elke generatie in de afgelopen eeuwen. Wij hebben nu een punt bereikt, waarop er geen andere keus meer bestaat. Wij moeten nu niet alleen aan elkaar laten zien wat we doen, maar ook aan de wereld, we moeten laten zien waar we allemaal naar moeten verlangen, wat we moeten bereiken, wat de bedoeling is als wij uit De Zohar lezen.

From the 2nd part of the Daily Kabbalah Lesson 7/8/12, The Zohar

Op zoek Naar De Werkelijke Smaak Van Belangeloos Geven

Dr. Michael LaitmanVraag: Hoe weten we zeker dat we de juiste inspanningen verrichten in het werk?

Antwoord: Een mens verricht de juiste inspanningen, als hij zoveel mogelijk met anderen samenwerkt, om te gaan begrijpen vanuit zijn hart. Alle begrip komt naar het hart, wanneer het Licht van Hochma, begrip genaamd, in het hart wordt onthuld, in Bina, de kli (vat) van geven, zoals er geschreven staat: “Alleen het hart begrijpt”.

In een mens die aan het begin van zijn spirituele werk staat, met het doel om zichzelf te corrigeren en een detector te worden voor de onthulling van de Schepper, moet het Licht van Hochma de innerlijke overtuiging bereiken, dat het Licht van Hochma en de kli ervoor, het Licht van Hassadim, ontvangen en geven, zich in hem moeten manifesteren, in zijn verlangen en in zijn voelen.

Hij moet proberen om de ruimte vrij te maken van verschillende meningen, gevoelens en indrukken, die hij nu het dichtst bij zijn lichaam ervaart, om dan deze ruimte te gaan vullen met spirituele indrukken. Hij moet ernaar streven om de werkelijke smaak van al deze begrippen waar te nemen: Hochma, Hassadim, ontvangen, geven, verbinding, nabijheid en afstand.

From the 1st part of the Daily Kabbalah Lesson 6/28/12, Shamati #145

Niets Anders Willen Dan Belangeloos Geven

Dr. Michael LaitmanBaal HaSulam, Shamati, artikel 30: “Het belangrijkste is niets anders te wensen dan belangeloos te geven vanwege Zijn Grootheid, want elke vorm van ontvangen is een onvolkomenheid. Het is onmogelijk om niet te ontvangen, het enige is om vast te houden aan het andere uiterste, namelijk geven.”

Wij bevinden ons in één enkele staat: in het kennisveld dat behoort tot de eigenschap van geven. Alleen dit krachtveld bestaat, de kracht daarvan is de kracht van belangeloos geven. Zo wordt het veld aan ons onthuld.

In deze kracht ligt de oorsprong: abstracte vorm en essentie. Wat wij bereiken is, zoals Kabbalisten het ons zeggen, het krachtveld dat gekarakteriseerd wordt door belangeloos geven.

Om onafhankelijk te kunnen bestaan in dit veld, werden wij met een tegengestelde kracht geschapen, met de kracht van ontvangen. Als een mens alleen waarneemt wat door zijn of haar natuur bepaald wordt en zichzelf niet verandert, voelt hij in dit verenigde veld de werkelijkheid die wij ‘deze wereld’ noemen. Een ieder kan dit beeld in zichzelf opnemen en van daaruit leven. Deze wereld wordt denkbeeldig genoemd, omdat wij niet voelen wat er werkelijk buiten ons bestaat, het is alsof wij vanuit onbewustheid leven en een droom zien via de trillingen van een denkbeeldige waarneming.

In deze droom zijn we ons aan het ontwikkelen naar steeds meer ontwaken en bewustzijn. Onze hele evolutie, onze hele geschiedenis, gaat over dit proces.

Hoe kunnen wij de eeuwige, ware werkelijkheid voelen waarin wij eigenlijk bestaan? Hoe komen wij tot onderzoek naar dit veld van de hogere Kracht die ons heeft geschapen, ons ondersteunt, ons beïnvloedt en ons steeds verder ontwikkelt, zodat wij ons kunnen gaan verbinden met dit veld?

Er zijn twee wegen:

1. De eerst weg wordt ‘het pad van lijden’ genoemd: of wij het willen of niet, onder de invloed van het veld van geven blijven wij ons ontwikkelen en wij zullen komen tot de kennis van de Ene die ons bestuurt, beïnvloedt, ontwikkelt en gidst. Lijden zal ons ertoe dwingen om bij de wortel te komen van de oorzaak ervan en wij zullen ontdekken dat wij lijden door Hem, omdat Hij op deze manier invloed op ons uitoefent.

Dan moeten wij Hem wel leren kennen, dichter naar Hem toekomen, omdat wij verlangen dat Hij ons op een andere manier bestuurt. En wij zullen, zoals de eerste Kabbalisten, door lijden dit veld ontdekken, deze Kracht die op ons inwerkt en die wil, dat wij eraan gelijkvormig worden door ons met elkaar te verbinden. Dit is de wet van de gelijkvormigheid van eigenschappen.

Waarom is dit noodzakelijk? Omdat wij hierdoor gelijkvormig worden aan Hem: eeuwig, heel en perfect, tegelijkertijd blijven we onafhankelijk. Als wij in Hem zouden zijn, volledig onder Zijn bestuur, lijkt het alsof we niet eens bestaan. Maar er is een polariteit in onze ontwikkeling: in ons groeit een kracht die tegengesteld is aan het veld van geven, en tegelijkertijd moeten wij aan onszelf werken om gelijkvormig te worden aan Hem.

2. Als wij het pad van lijden niet willen volgen, maar het pad van Licht, onder de goede invloed van het veld van geven, ontdekken we een eenvoudige wet: om onafhankelijk te blijven, moeten we aan dit Licht vragen om alle veranderingen die samengaan met onze groei. Als ik vraag en het veld mijn vragen beantwoordt, bestaat er geen probleem in verband met onafhankelijk blijven, omdat ik nu gelijkvormig ben aan Hem. Ik vraag zelf, tegen mijn eigen verlangen in, of het veld mij wil veranderen.

Op deze manier verenig ik in mijzelf, in de loop van mijn ontwikkeling, twee krachten:

• De kracht die tegengesteld is aan dit veld: het veld is volkomen gericht op geven, terwijl ik volkomen gericht ben op ontvangen.

• De vorm van geven, waarin ik mijn kracht van ontvangen kleed.

In mij is de kracht van ontvangen, het wrede egoïstische verlangen, dat alleen uit is op persoonlijk gewin, en daar bovenuit kleed ik mijzelf in de tegengestelde vorm: de kracht van geven en liefde. Maar hoe kan ik weten hoe ik moet vragen om de kracht van geven? Uiteindelijk weet ik niet eens wat het is. Wat ik me ook maar voorstel, al mijn gissingen zijn gebaseerd op de kracht van ontvangen en maken het mij onmogelijk om werkelijk om veranderingen in mijzelf te vragen. Alles waarom ik vraag is gebaseerd op mijn eigen natuur en zal altijd gaan over ontvangen, soms verborgen of gecamoufleerd, maar toch over ontvangen.

Hoe kan ik aan dit veld vragen om mij werkelijk de kracht van geven te schenken, zodat ik deze kracht in mij kan gaan ontdekken, evenals de kracht van ontvangen, zodat ik twee krachten in mij heb, de ene tegengesteld aan de andere?

Daarvoor hebben wij een bijzondere wijze van bestaan gekregen: wij ervaren dat wij leven in een wereld, die vol mensen is zoals wij. Als ik het verlangen wil verkrijgen dat op geven gericht is, een vraag naar geven, kan ik mij met anderen verenigen, met ten minste één ander mens. Het kleinste meervoud is twee. Kabbalisten zeggen echter, dat het beter is als we minstens met z’n tienen zijn, omdat dit een afgeronde hoeveelheid is. Ik moet mij met hen gaan verenigen om het verlangen om te geven te bereiken.

Hoe kunnen wij ons met elkaar verenigen? Kabbalisten die de methode hebben ontdekt, leggen dit ook uit: ik moet bij hen gaan zitten, samen eten en drinken, met hen studeren en het belangrijkste is: de intentie vasthouden. Wat wil ik hierdoor bereiken? Het is belangrijk om niet te vergeten dat het mijn intentie is om het verlangen om te geven te bereiken. Baal HaSulam schrijft daarover: “Het belangrijkste is om niets anders te willen dan belangeloos te geven.”

Het blijkt dat ik met mensen werk, die naar hetzelfde verlangen, we zijn met elkaar in één groep en er is iemand die ons onderwijst. Hoe dit allemaal zo gelopen is, weten wij niet, het lijkt toeval. Maar in werkelijkheid brengt datzelfde veld ons bij elkaar, op dezelfde manier als een elektromagnetisch veld ijzervijzel langs de lijnen van evenwicht plaatst. In de ‘Inleiding tot de Studie van de Tien Sefirot’ schrijft Baal HaSulam, dat de Schepper een mens naar de groep brengt en zegt: “Dit is voor jou, neem het aan. Hier ligt jouw vrije keus.” De keus wordt alleen versterkt door de vrienden op het pad van het verlangen om te geven. Wij kunnen dat verlangen zelf niet bereiken, omdat de Schepper dat verlangen is. Maar we moeten met elkaar naar dit verlangen uit zien en er dan de behoefte aan voelen. Ik zal in mijn hart gaan voelen, dat ik dit geven mis en dat ik een gever wil worden.

Waarom wil ik dit? Dat zelfs weet ik niet. Het ontstaat, na lange tijd, misschien wel na tien jaar. Daar hebben wij dit leven voor gekregen. Langzaamaan komt er in het hart van een mens een verlangen en een behoefte naar de eigenschap van geven.

Alles staat hier onder de invloed van de eenvoudige ‘natuurkunde van krachten’: hoe krachtiger mijn hart de behoefte ervaart om te komen tot geven, hoe krachtiger het veld van geven mij beïnvloedt. Zo komen we er dichterbij: ik vanuit mijn behoefte aan geven en deze kracht vanuit de invloed ervan die op mij gericht is. Het resultaat ervan is, dat wij elkaar beginnen te voelen en er ontstaan innerlijke veranderingen in mij: aan de natuurlijke kracht van ontvangen wordt in mij een kracht van geven toegevoegd, deze komt in mij tevoorschijn.

Zo wordt er een correcte vorm ontwikkeld: een ontvangend verlangen en een gevend verlangen naar buiten toe: de vorm van een mens (Adam), gelijkvormig (domeh) aan de Schepper. Zijn verlangen naar ontvangen, de ‘scheppingsmaterie’, blijft bestaan en daar overheen wordt dit bedekt met een gewaad, een ‘omhulsel’, een verlangen om te geven.

Allereerst is er in mij de behoefte aan willen geven en als dit verlangen een zeker spanningsniveau in mijn hart bereikt heeft, beïnvloedt het veld mij door inductie, zo wordt ik in de kracht van geven ingeleid.

Tenslotte kleedt deze kracht zich in mij en ik word een soort voelende ‘sonde’, een ‘sensor’ voor dit veld. Stel je voor, dat ik in mij tien gram van het verlangen om te geven heb ontvangen. Allereerst ben ik nu hierdoor geboren, met andere woorden: ik begin het veld te voelen dat mij omringt. Ik voel dat ik erin leef, ik voel de eigenschappen ervan, de houding van dit veld naar mij en mijn houding naar dit veld. Naast het fysieke niveau waarop ik nu leef, krijg ik verbinding met dit veld op een ander niveau: de spirituele wereld en alleen zo bereiken we de Schepper.

Dit veld bevat alle informatie over het verleden, het heden en de toekomst, over alles wat er met mij en met de hele wereld gebeurt. Een mens die in verbinding blijft met dit veld, gaat begrijpen hoe hij er op de juiste manier contact mee kan maken en wat hij van dit veld kan vragen. Door dit veld bevinden wij ons in een enorme stroom van informatie, die de hele werkelijkheid vult. Hier leren wij wie de Schepper is, wat dit veld is, hoe we ermee in contact kunnen komen en hoe we met het hele systeem te werk moeten gaan. Zo stijgt een mens steeds hoger en wordt hij meer en meer opgenomen in de spirituele wereld. Dit alles komt alleen van het verlangen om te geven, dat hij in zichzelf heeft ontvangen vanuit dit veld.

Terugkomend op het verlangen om te geven, er is een voorwaarde aan verbonden: een mens moet ernaar verlangen om een gever te worden. En wie zouden dat willen? Speciale mensen, met een punt in het hart, dat wil zeggen: met een zwakke lading die hen richt naar het veld van geven waar zij deel van uitmaken.

En de anderen dan? Anderen kunnen daar niet naar streven. Zij kunnen, zoals de eerste Kabbalisten, het veld alleen ontdekken door middel van het pad van lijden en tegenslag, van angst en onbegrip ten opzichte van de oorzaak van wat er gebeurt, en in het algemeen door de vraag naar de zin van het leven.

Naarmate we deze situatie naderen, komen we bij het huidige punt in de geschiedenis. Het pad van lijden van de wereld is nu enigszins onthuld. Veel mensen, misschien wel alle zeven miljard, stellen al vragen zoals: “Waar leven we voor? Wat is de zin van het leven? Waarom lijden we zo?” Deze vraag die van hen komt, kunnen we niet beantwoorden. Bovendien weten zij niet wat zij met dit lijden aan moeten. Zij begrijpen en voelen alleen deze wereld.

Hier komen we bij het verschil met de mensen met een punt in het hart. Wij moeten voor anderen worden wat de Schepper voor de schepping is. Wij zijn namelijk in staat om hen te verbinden met het veld van geven en dit is onze opdracht, Baal HaSulam beschrijft het in het artikel: ‘Arvut’ (Verantwoordelijk zijn voor Elkaar). Daarom worden wij ons en masse bewust van de hogere Kracht, en anderen ontvangen dit bewustzijn van ons. Dit is ons werk.

Dus: “het belangrijkste is niets anders te willen dan belangeloos te geven.” Wij kunnen hiernaar verlangen vanuit bewustzijn en inzicht, omdat aan ons een klein deeltje is gegeven, een vonkje van dit veld en met de hulp daarvan kunnen we onze koers bepalen en streven naar dit veld, met het doel om het te onthullen. Door onze vonken met elkaar te verenigen, zullen wij in staat zijn om aan het veld de kracht van geven te vragen. Anderen zijn hier echter niet toe in staat, zij hebben onze leiding nodig.

From the 1st part of the Daily Kabbalah Lesson 6/21/12, Shamati #30

Elke Vriend Is Kostbaar

Dr. Michael LaitmanOm het Licht enigszins te kunnen ervaren moeten we oefenen, en oefenen is alleen mogelijk in de groep. Voorbeeld: een danser begint met mij verschillende bewegingen uit te voeren. Een stap naar voren, een stap naar achteren, een rondje draaien, enz. De groep staat voor mij en ik kan hen voelen, met hen werken en zo verder komen.

Ja, dit is heel onaangenaam voor mijn egoïsme, want ik moet telkens weer voorrang geven aan de groep in plaats van aan mezelf, maar dit brengt mij tot deze ‘tango’. Vrienden laten hun verlangen horen en ik moet hen daarin volgen. Zoals er staat geschreven: “Cijfer je verlangen weg voor Zijn verlangen”. Ik leer hoe ik mijn hoofd moet buigen, het verlangen van de groep moet accepteren als mijn leidende partner en tot samenwerking komen, tot eenheid met de vrienden. Ik begin te voelen wat zij verlangen. Het blijkt dat mijn danspartner betrouwbaar is, dichtbij, toegewijd en oprecht. Ik werk voor hem en hij werkt voor mij. Dan ontstaat er vanuit onze eenheid een echte groep.

De ‘groep’ betekent: één enkel verlangen van vrienden om met elkaar verenigd te zijn. Er bestaat geen ‘ik’ of  ‘zij’ in dit verlangen dat onder ons geboren is, maar er is één geheel, een nieuwe werkelijkheid, niet de verbinding zelf, maar het resultaat ervan.

Dit is de spirituele vrucht die uit de baarmoeder van de moeder is gekomen. Daarin nemen wij de Ene waar en het Licht, de Schepper wordt erin onthuld, in dat verlangen waaraan wij geboorte hebben gegeven, wat wij gecreëerd hebben, wat wij hebben bereikt door één geheel te worden. Er kan geen verdeeld veelvoud bestaan, maar alleen eenheid regeert.

Baal HaSulam schrijft hierover in Brief 13: Naast de grote kracht die erin verborgen is, moeten jullie weten dat er vele vonken van heiligheid in elk van de vrienden aanwezig zijn. Als je al deze vonken bijeenbrengt op één plek, als broeders in liefde en vriendschap, bereik je in dat uur ongetwijfeld een heel verheven intensiteit van het niveau van heiligheid.

Een mens kan zich op verschillende manieren opgenomen voelen in de groep, dit kan in golven komen en gaan, van harte of slechts ten dele van harte. Toch heeft een ieder van ons een uniek deeltje van het Licht, dat hem uit de bodem van deze wereld trekt en daarom moeten wij waardering hebben voor iedereen. Dit geldt trouwens in gelijke mate voor mannen en vrouwen.

Onze lichtvonken zijn een werkelijk geschenk van Boven. Een mens wordt menselijk (Adam) genoemd als dit lichtvonkje hem trekt naar gelijkvormig (Domeh) worden aan de Schepper. Als hij geen lichtvonk heeft, behoort hij nog tot het ‘dierlijke’ niveau.

Wij spreken hier niet over onbekwaamheid. Sommige mensen krijgen nu eenmaal de ‘dubbele’ taak om eerder geboren te worden dan anderen en anderen te helpen om spiritueel geboren te worden. Zij vormen het hoofd van de mensheid en moeten hen vooruit leiden.

Daarom moeten wij begrijpen dat iedere vriend een speciale wijze van denken en voelen van Boven heeft ontvangen, van het Licht dat in hem gekleed is. In zijn ziel, in zijn spirituele wortel, is iets heel speciaals dat in hem geplaatst is, op die manier is hij dichtbij het Licht en ontvangt hij zijn taak.

Natuurlijk verheft hij zich niet op een egoïstische manier boven de mensheid. Wij respecteren de vriend omdat er aan hem een speciale taak is gegeven om te dienen. Wij kijken niet op anderen neer, want deze opdracht is niet van ons afhankelijk.

Daarom moeten wij iedere vriend respecteren. Hij werd door Boven, door het Licht, uitgekozen om mijn partner te worden. Zonder hem kan ik niet geboren worden, en de mensheid evenmin.

From the Miami Convention 6/23/12, Lesson 1

Mijzelf Binnenstebuiten Keren

Dr. Michael LaitmanAlles wordt bepaald door de innerlijke intentie, daar zijn geen woorden voor nodig. Als wij ons ervan bewust zijn, dat wij voortdurend met elkaar verbonden moeten zijn en eraan werken om alle verstoringen te overwinnen, op gezamenlijk gebied in de groep en in wat een ieder voor zichzelf daarin tegenkomt, hebben we de juiste intentie.

Naar deze intentie keren we steeds terug tijdens de lessen, als wij gedurende de dag naar opnamen luisteren en als wij het blog lezen. Op deze manier help ik mijzelf er steeds aan herinneren en breng ik mijzelf elke keer weer terug naar de intentie om te verbinden. Bovendien draag ik er zorg voor dat alle vrienden met elkaar verbonden zullen zijn, omdat wij de Schepper zullen ontdekken als wij een krachtig, collectief verlangen hebben.

Als deze alomvattende kli (vat) niet bestaat, zullen wij de onthulling niet bereiken.

Deze voorwaarde is geen gril van de Schepper of van het hogere Veld, die eruit zou bestaan dat wij eerst op één plaats zouden moeten betalen om later ergens anders iets te ontvangen, zoals in een winkel. Dit bestaat niet in spiritualiteit.

Het is noodzakelijk dat je een behoefte voelt, de behoefte naar die eigenschap van geven, want alleen dan zul je in staat zijn om deze eigenschap te ontdekken. Nu ben je er ook van alle kanten door omgeven. Je bevindt je in dit hogere Veld maar je kunt het niet ontdekken, omdat je er geen behoefte aan voelt. Dus waar schreeuw je om?

Je weet niet eens wat de eigenschap van geven is of het hogere Veld waarnaar je verlangt. Je schreeuwt het uit over iets heel anders, namelijk over het feit dat je geen vervulling hebt gekregen voor je verlangen om te ontvangen, voor je ego. Als je werkelijk behoefte zou hebben aan de eigenschap van geven, zou je dit meteen ontdekken in dit Veld.

Uiteindelijk bevind je je in dit veld, maar jouw behoefte, je verlangen om het waar te nemen, is op dit moment zwak. Het zou kunnen dat dit verlangen zich op de tegengestelde richting concentreert, niet met het doel om de eigenschap van geven te ontvangen, maar alleen om ervan te genieten

Je kunt controleren of je in dezelfde richting als dat Veld gefocust bent door de eigenschap van geven te gebruiken als je probeert om je met anderen te verbinden. Dan zul je ontdekken of je je werkelijk wilt verbinden of niet, of je geven en liefde nodig hebt of niet.

Pas als wij ermee beginnen om ons, boven ons ego uit, te verbinden in de groep, zullen wij de innerlijke eigenschappen ontvangen die nodig zijn voor contact met het hogere Veld, met de Schepper, en wij zullen Hem vragen om de kracht van correctie. Daarom is het werk in de groep de essentiële, eerste voorwaarde. Daarom staat er geschreven: “Van de liefde voor het schepsel naar de liefde voor de Schepper”.

Daarom vond het breken van de verlangens plaats, zodat wij in het werk met anderen in staat zullen zijn om te ervaren, dat de eigenschap van geven noodzakelijk is en dat wij er behoefte aan hebben. Het allerbelangrijkste is het verlangen om belangeloos te leren geven.

From the 1st part of the Daily Kabbalah Lesson 6/21/12, Shamati #30