Niemand vóór Baal HaSulam ontdekte ooit de werkelijke betekenis van liefde voor anderen. Deze gedachte komt vrij vaak in allerlei bronnen voor, veel belangrijke romans en andere meesterwerken prijzen de liefde voor anderen, broederlijke liefde, liefde tussen vrienden en de noodzaak om dit toe te laten. Wie heeft het er niet over? Iedere politicus die gekozen wil worden spreekt erover hoeveel hij van iedereen houdt. Iedere dief denkt, dat hij vecht voor rechtvaardigheid
Baal HaSulam geeft ons een criterium voor een zuivere test, hij geeft voor alles de juiste afweging en baseert alles op een analyse waardoor een mens niet misleid kan worden. Als we zijn werken lezen, kunnen we er zeker van zijn dat we niet kunnen vasthouden aan onze eerdere standpunten. Je kunt of je ogen ervoor sluiten en proberen om alles te vergeten waarover hij schrijft en dan op de een of andere manier proberen om je leven voort te zetten zoals het was, je dierlijke leven voor je ego, of je moet veranderen!
Hij ontwikkelde de volledige methode om inzichten te krijgen, zodat het onmogelijk is om in te gaan tegen wat hij onthult. Als je alle artikelen van hem gelezen hebt, begin je te voelen, dat je alles tot de kern moet uitzoeken. Alleen als je alle artikelen kent en ze weer en weer leest, ze vanuit elk mogelijk perspectief onderzoekt, ze grondig leest, pas dan begin je tenslotte het geheel te begrijpen, hier vraagt zijn manier van schrijven om.
Je kunt niet een of ander klein stukje lezen en je dan ontspannen met het gevoel dat je alles hebt begrepen. Begrijpen komt alleen door lezen en herlezen, van het begin tot het eind en van het eind tot het begin. Alleen als je de teksten vele malen opnieuw leest, kun je de concepten met elkaar verbinden en jezelf analyseren. Dan kun je er niet meer aan ontkomen.
Iemand die Baal HaSulam niet bestudeert, denkt meestal, dat hij volmaakt rechtvaardig is en dat hij geen enkele vraag heeft en hij nergens spijt van hoeft te hebben. Pas als iemand volgens Baal HaSulam’s methode begint te studeren, gaat hij begrijpen hoe tegengesteld hij is aan liefdevol geven, hoe slecht hij is en dat de Torah voor hem is geschreven, omdat het Licht dat erin verborgen is corrigeert.
Als we de geschriften van Baal HaSulam lezen om onze neiging tot het kwaad daardoor te ontdekken en zo het Licht dat Corrigeert aan te trekken, werken ze op ons in en helpen ze ons om verder te komen volgens het plan van de Schepper: “Ik schiep de neiging tot het kwaad en ik schiep de Torah als een kruid”. Wij gaan al deze fasen door, dankzij ons werk met de geschriften van Baal HaSulam.
Er zijn zoveel mensen op de wereld, die echt angstig zijn en volkomen hulpeloos. Ze kunnen het op geen enkele manier rechtvaardigen dat ze lijden en ze weten niet wat ze moeten doen, hoe ze morgen of in de naaste toekomst een bestaan kunnen opbouwen. Sommigen maken zich zorgen over wat er zal gebeuren met hun miljarden en anderen weten niet hoe ze moeten overleven als ze hun laatste cent hebben uitgegeven.
Ieder lijdt op een andere manier, maar niemand weet hoe het verder moet. Anderzijds hebben wij plotseling een geschenk van Boven ontvangen, dat het ons mogelijk maakt om op een andere manier naar de wereld te kijken. Dit hebben we allemaal te danken aan de onthullingen van Baal HaSulam, die via zijn ziel naar ons toe zijn gekomen, en eveneens via Rabash, die een verbindende schakel was tussen ons en Baal HaSulam.
Baal HaSulam heeft via zijn volmaakte ziel, die de volledige correctie had bereikt, aan ons Licht doorgegeven van de wereld Ein Sof (Oneindigheid). Hij vroeg echter of hij op een lager niveau mocht zijn, omdat het voor hem anders niet mogelijk zou zijn om contact met mensen te krijgen. Pas toen hij vele niveaus lager was gebracht, was hij in staat om De Studie van de Tien Sefirot te schrijven en het Sulam Commentaar op het Boek de Zohar. We kunnen niet begrijpen op welk niveau hij zich daarvoor bevond, de enorme hoogte waarover hij ons zelfs niets in woorden kon zeggen.
Dit was het niveau van GAR in de wereld Atzilut en daarboven, waar het Licht niet meer in vaten ‘gekleed’ is. Van daaruit kon hij mensen niet benaderen en gehoord worden, daarom vroeg hij of hij op een lager niveau gebracht mocht worden. In feite vervulde hij de opdracht waartoe de Schepper hem had bestemd, wetende dat hij daarnaar zou vragen en deze taak zou uitvoeren.
Wij bevinden ons op een niveau tussen Rabash, Baal HaSulam en de mensheid. Enerzijds moeten we hoger komen om te begrijpen wat Baal HaSulam heeft gezegd. Anderzijds moeten we onszelf naar een lager niveau brengen, dat van het volk en begrijpen wat zij van ons nodig hebben en hoe ze in staat zullen zijn om onze boodschap te accepteren. We moeten deze twee polen bereiken, boven en beneden ons.
Baal HaSulam en Rabash spraken van bovenaf. Wij zijn beneden, onder de Parsa, zodat we de gelegenheid zullen hebben om de wereld aan te raken en wakker te maken en we vervolgens, samen met de gehele mensheid, kunnen stijgen, door de Machsom (de barrière) en deel worden van de hogere Malchut. Dit is onze opdracht.
Laten wen hopen, dat we erin zullen slagen om te realiseren wat Baal HaSuam, Rabash en alle Kabbalisten die aan hem vooraf gingen, deden. Met dit doel bereidden zij zich voor. Wij trekken aan wat zij onderwijzen en hun Licht en brengen het nu in de praktijk.
Laten we hopen, dat wij het waard zijn en in staat zullen zijn om te vervullen, waarover Baal HaSulam schreef. Er is geen andere groep die zijn pad volgt en klaar is om zijn methode te vervullen. Daarom noemen we onszelf ‘Bnei Baruch’ (de zonen van Baruch Ashlag) en we kunnen zeggen, dat Baal HaSulam, deze grote ziel, onder ons leeft, wij brengen het ten uitvoer.
From a talk at the meal devoted to Baal HaSulam’s memorial day, 10/8/11
In het verleden moesten Kabbalisten, die de spirituele wereld wilden onthullen, in onze wereld beginnen en zo aan het werk gaan, via verschillende wetenschappen, enorme inspanningen en lijden, zo moesten ze zichzelf uit de materie trekken naar de onthulling van de spirituele wereld en het correcte systeem van de verbindingen tussen mensen ontdekken.
Toen werden de werken van de Ari ontdekt, waarin hij uitleg geeft over de innerlijke verbindingen die ons samenbrengen via speciale systemen van verhoudingen: ZON, Ishsut, Aba ve Ima, Arich Anpin, enzovoort. Hiermee legt hij uit in welke vormen van verbinding we ons kunnen bevinden, hoe de verschillende verbindingen ons beïnvloeden en hoe wij ze kunnen beïnvloeden en deze vormen van verbinding kunnen opwekken. Wat daar gebeurt, is hetzelfde als in onze wereld, maar daar gaat het over de eigenschap van geven.
Net zoals in onze wereld, kunnen we bepaalde vormen van verbinding activeren, zodat ze ons van hun kant gaan beïnvloeden, hetzelfde net van verhoudingen verbindt ons eveneens in de spirituele wereld, daar is het echter meer innerlijk. We gaan dus van de empirische psychologie naar de spirituele psychologie en dan ontdekken we de werkelijke verbinding tussen de zielen, met de mensen die nu leven en de mensen die eerder geleefd hebben. Het maakt geen verschil of iemand nu in deze wereld leeft of niet. Het is belangrijk om af te stemmen op dit net. Dan is het alsof onze wereld oplost en zijn belangrijkheid verliest, omdat het niet meer is dan een uiterlijke afdruk, waar we doorheen moeten om binnenin te komen.
De Ari beschrijft dit allemaal en de Baal Shem Tov onderwees, hoe men aan het werk moest gaan met de uiterste toewijding van de ziel (Mesirut Nefesh). Hij zei: ‘de Schepper is je schaduw’. En nu, na dit alles, kunnen we – door te werken in de groep (wat door de Baal Shem Tov opnieuw ingesteld werd na Rashbi) – het Licht dat dit net corrigeert aantrekken. We bereiken het niet eenvoudigweg met onze verlangens en kracht, maar we trekken een licht aan, dat namen heeft als: het Licht dat corrigeert, het Licht van de Torah, het Omgevende Licht. We trekken het aan van Boven vanuit dit net.
Als we de structuur van dit systeem bestuderen en er met elkaar naar verlangen, als we dezelfde vormen van onderlinge verbinding tot stand willen brengen, maakt het tenslotte zelfs niet uit of we het wel of niet begrijpen; onze inspanning zal de invloed van deze Kracht over ons opwekken.
Het is net zoals in onze wereld: als we het een of andere systeem willen bereiken, worden we er deel van, we bestuderen het op verschillende manieren en langzamerhand beginnen we het aan te voelen. Plotseling komt er een totaalbeeld van dit systeem in ons op en begrijpen we wat het is en hoe het mogelijk is om ons ermee te verbinden en ermee te werken. Hetzelfde gebeurt in de spirituele wereld. Alleen de intentie van een mens verandert. Als hij deel uit gaat maken van het Hogere Systeem, doet hij dit om zichzelf aan dit systeem te geven. Hoe meer hij erin opgenomen raakt, hoe meer hij ervan gaat ontdekken.
Dit vereist veel werk met de leraar, de vrienden, de hele wereld en de studie. Dit alles verbindt zich met elkaar.
From the 1st part of the Daily Kabbalah Lesson 10/2/11, Writings of Baal HaSulam

Vandaag is het 20 jaar geleden dat mijn Leraar heenging. Baruch Shalom Halevi Ashlag was de laatste grote Kabbalist in de opeenvolging van wijzen, van Adam tot aan onze dagen: Adam – Abraham – Moses – Rashbi – Ari – Baal HaSulam – Rabash en vele duizenden daartussen.
Rabash toonde grote moed door de Kabbalah methode aan ons zo door te geven, dat we in deze generatie deze methode aan de hele wereld bekend zouden kunnen maken. Zonder zijn werk zouden we deze mogelijkheid niet hebben. Ik zag met hoeveel standvastigheid hij leefde vanuit dit principe: de onthulling van de wetenschap van Kabbalah aan de wereld staat boven elke andere overweging.
In de uren voor de dageraad gingen we op naar Jerusalem en bezochten we zijn graf. Natuurlijk is deze plek voor ons niet meer dan een symbool, erheen gaan niet meer dan een gebruik, omdat onze verbinding met onze Leraar leeft en er voortdurend is. We hopen het allen waard te zijn, zijn zonen te worden, daarom noemden we onze groep ‘Bnei Baruch’: de zonen van Baruch Ashlag.
From the TV Program “Conversations,” The Day of Rabash’s Memory
In plaats van in dit kleine deel van de werkelijkheid te bestaan, heeft iemand die het verlangen heeft om door te breken naar het tweede deel van de werkelijkheid, het eeuwige en perfecte deel, verschillende middelen om dat te doen: de leraar, de groep en de boeken. De leraar legt uit, dat er een dergelijke mogelijkheid bestaat. Hij legt uit, dat het kan worden gerealiseerd met de hulp van een groep, waarin iedereen streeft naar de perceptie van de ware, perfecte realiteit en met de boeken die spreken over diezelfde perfecte werkelijkheid.
Wanneer we proberen om samen te zijn, is het alsof iedereen uit zichzelf komt, uit zijn ego, omdat hij moet voelen dat hij bestaat in de anderen. Dan, wanneer hij probeert om boven zichzelf te zijn – in de anderen, met hen verbonden – en hij leest over de perceptie van de werkelijkheid in geven, is dit de manier waarop hij zich gelijkvormig maakt aan de toekomstige staat, alsof hij er al is.
Afhankelijk van de mate waarin hij daarnaar streeft, roept hij de tweede kracht die in de werkelijkheid bestaat, van daaruit op, de kracht van geven, naast de kleine kracht van ontvangen die hem door de natuur gegeven is. Dan komt de kracht van geven en brengt de veranderingen in hem teweeg.
Een mens kan deze veranderingen zien als een toegevoegde kracht van ontvangen die naar hem toekomt, in plaats van de kracht van geven die hem verandert, en een dergelijke waarneming is ook correct. Echter, daarnaast, ontwikkelt hij eveneens de kracht van geven. Op deze manier gaat men vooruit, soms naar rechts en soms naar links, maar gedreven door die kracht van geven.
Hij moet deze kracht van geven, samen met de kracht van ontvangen, bereiken. Deze twee krachten worden dan langzamerhand aan de mens onthuld als twee lijnen, de rechter en de linker. Dan boekt de mens vooruitgang, soms in een staat van afdaling en soms in een staat van opstijging. Hij weet nog niet wat afdaling en opstijging precies is, tot nu toe onderscheidt hij ze alleen door zijn huidige gevoelens.
Echter, na verloop van tijd, begint hij te voelen dat het voor hem nodig is om deze twee lijnen te gebruiken door zich er tussenin te bevinden. Op deze manier, begint hij er controle over uit te oefenen en begint hij ze samen te brengen in de middellijn.
In wezen, bestaat ons hele werk uit samen studeren, ons willen verbinden met elkaar in onze harten, en verlangen naar eenheid boven alle onenigheden en verschillen uit, omdat al deze dingen alleen betrekking hebben op ons animale bestaan, dat hier, in deze wereld, blijft bestaan. We willen ons met elkaar verbinden in onze verlangens, onze punten in het hart, boven deze dingen uit.
Wanneer we De Zohar met deze intentie lezen, spreekt het boek over onze gecorrigeerde staten, over de manier waarop we de kwaliteit van geven onthullen in de verbinding tussen ons, wat hetzelfde is als de Schepper, het Licht, de geestelijke wereld, de Hogere Wereld. Daarom moet een ieder zich deze staat voorstellen bij het lezen van De Zohar.
From the lesson on 8/12/11, The Zohar
Vraag: Wat betekent het om “zich meer in te spannen voor het werk” als je twijfelt aan de leraar en de Schepper?
Antwoord: Als je dergelijke twijfels hebt, kun je niet leunen op de leraar of de Schepper, maar moet je hulp zoeken bij de groep! Je moet van hen deze ondersteuning ontvangen, namelijk het belang van het doel, de leraar, en de Schepper.
Wanneer je merkt dat je twijfels hebt, namelijk dat je de balans niet naar één kant kunt laten doorslaan, moet je je best doen om de balans naar de goede richting te laten doorslaan. Maar hoe kun je daarin slagen? Door je meer en meer te verdiepen in je twijfels? Dat zal je niet bij de oplossing brengen. Je moet begrijpen, dat je in deze staat zelf niets hebt om op te steunen, maar dat je een extra kracht nodig hebt.
Nu kan je deze extra kracht niet krijgen van de leraar of de Schepper, omdat je aan hen twijfelt. Het enige wat je kan helpen is de omgeving, die je het gevoel van het belang van spiritualiteit, vertrouwen en wederzijdse garantie geeft, waardoor je beseft dat de leraar en de Schepper belangrijk zijn voor het bereiken van het doel. En als je niet naar hun advies en instructies luistert, kom je niet verder, omdat je dan met je egoïstische verstand werkt dat je niet verder brengt..
Daarom schrijft Rabash, dat de leden van de groep moeten praten over de grootheid van de leraar en de Schepper, zodat iedereen ervan onder de indruk komt. Alleen op deze manier zal je in staat zijn om het werk voort te zetten.
From the 1st part of the Daily Kabbalah Lesson 7/24/2011, Shamati #187
![]()
Vraag: Hoe weet je of je je voldoende inspant?
Antwoord: Inspanningen worden gewoonlijk gedaan boven de rede, boven het weten, als het een mens toelijkt, dat alles buitengewoon moeilijk en onmogelijk is en dat hij genoeg moeilijkheden heeft. Hij gelooft zijn leraar, met zijn “dwaze ideeën” niet langer of ook niet de Schepper, Die verborgen is, wat het onmogelijk maakt om hem te vertellen wat Hij van hem verlangt. Hij heeft veel klachten over de groep als geheel en over iedere individuele persoon.
Tegelijkertijd moeten we echter zeggen, dat dit beeld dat ik zie, alleen mijn eigen fouten weergeeft, mijn egoïsme! Want in werkelijkheid besta ik in de wereld van Ein Sof (Oneindigheid). De groep bestaat uit de zielen, waarmee ik volledig verbonden ben. En de leraar is het deel boven ons, dat ons leidt naar de verbinding met de zielen die al gecorrigeerd zijn, zodat we, samen met hen, de zielen kunnen corrigeren die dat nog niet zijn. En de Schepper zal tussen ons onthuld worden, want Hij is nu verborgen voor ons eigen bestwil.
Als een mens zich deze situatie correct voorstelt, als hij begrijpt dat deze wereld denkbeeldig is en dat het noodzakelijk is om dieper door te dringen in dit schijnbeeld, tot de innerlijke vorm ervan, zodat we de koorden ontdekken, die ons verbinden – zoals we dat zien aan de achterkant van een borduursel – zal hij alles kunnen zien zoals het werkelijk is en om verandering vragen.
Hij zal volmaaktheid ontdekken door met alle verlangens in harmonie te zijn, met andere woorden: met de groep en de Schepper, de eigenschap van geven. Hij zal voelen dat hij op deze manier volmaaktheid heeft bereikt en dat er niets groters is dan dit, geen behoefte of verlangen naar iets groters, omdat dit voor hem de meest volmaakte staat is!
From the 1st part of the Daily Kabbalah Lesson 7/24/2011, Shamati #187