Tag Archives: Mitzvot

Verlangen Nummer Vijfendertig

Dr. Michael LaitmanVraag: Wat is de correctie van de 613 verlangens, verwijst dit naar de 613 Mitzvot (geboden) in de Torah? Kunt u uitleggen waar het gecorrigeerde verlangen nummer 35 naar verwijst, het verlangen dat gaat over het bereiden van speciale olie die bestemd is voor de zalving van de hogepriester en de koning?

Antwoord: De hogepriester en de koning zijn geen mensen maar verwijzen naar een speciaal spiritueel niveau. Wanneer je naar dit niveau opstijgt, wordt de structuur van een koning of een hogepriester in je gevormd, dan zal je in staat zijn om een handeling uit te voeren die het aantrekken van het Licht van Hochma wordt genoemd.

Het Licht van Hochma is de olie en het Licht van Hassadim is het water. Door de olie te gebruiken (het Licht van Hochma), kun je een speciaal ’mengsel’ maken, dat wil zeggen, een speciaal systeem voor correctie, om op een hoger niveau te komen, om dichterbij de mogelijkheid te komen om op te stijgen naar het niveau van de koning of de hogepriester. Dit zijn allemaal innerlijke eigenschappen die we moeten ordenen en corrigeren.

Dus elke Mitzva is een correctie van onze innerlijke verlangens, maar dan op verschillende niveaus. De mens is een kleine wereld en alles is in hem aanwezig. Dit betekent dat alleen ik besta en jullie zijn allemaal in mij, in mijn bewustzijn, in mijn voelen. Het lijkt voor mij zo dat jullie buiten mij zijn, maar in feite zijn jullie in mij aanwezig.

Vraag: Wat betekent het om de priester in mij te vinden?

Antwoord: Een priester is een verlangen op het niveau van Keter, het hoogste verlangen in een mens dat werkt vanuit absoluut geven, zonder egoïstische onzuiverheden. Een mens moet zich hier echter op voorbereiden. Eén van de handelingen van voorbereiding is Mitzvah nummer 35. Wanneer een mens de spirituele niveaus bestijgt – ongeacht of hij als jood is geboren of niet, als Cohen of Levi – moet hij al deze niveaus en eigenschappen ervaren.

From the Kabbalah Lesson in Russian 1/24/16

 

De Correctie Van Onze Onderlinge Verhoudingen

laitman_229Het probleem in de wereld is dat er geen juiste verbinding tussen mensen bestaat. Een juiste verbinding is een systeem waarin alle onderdelen in harmonie met elkaar verbonden zijn, waarin allen bezorgd zijn over het welzijn van het gehele systeem en niemand zich zorgen maakt over zijn eigen welzijn. In een dergelijke situatie is het een perfect systeem.

Wanneer mensen tot een dergelijke verbinding met elkaar komen, gaan ze de Natuur voelen in plaats van zichzelf. De Natuur die ze gaan voelen, wordt de Schepper genoemd, omdat ze Zijn Geest, Zijn Programma en Zijn Doel ontdekken.

Vanaf Abraham gingen mensen de harmonie van de Natuur in hun onderlinge verbinding ervaren, ze ontdekten de Schepper. In de mate waarin zij de Schepper ontdekten, leefden de leerlingen van Abraham naar de alomvattende wetten van de wereld. Deze houding kwam tot uitdrukking in hun dagelijkse activiteiten en in hun relatie met de omgeving, het kwam op een natuurlijke wijze en rechtstreeks uit hun gevoelens voort. De activiteiten die de leden van de groep van Abraham uitvoerden, leken niet meer dan mechanische handelingen te zijn voor iemand die niet tot deze groep behoorde en de Natuur en het systeem van de verbinding tussen de mensen niet voelde.

Een harmonieuze onderlinge verbinding tussen mensen wordt ‘liefde’ genoemd, zoals er staat geschreven: “Ik heb de neiging tot het kwaad geschapen en Ik heb de Torah als een medicijn geschapen.” De betekenis van het woord Torah is de Kracht van de Schepper die bedoeld is om onze onderlinge relaties, de relaties van egoïstische wederzijdse afwijzing, te corrigeren. Als een mens zich verdiept in de correctie van zijn egoïstische aard, wordt dat ‘de Torah vervullen’ genoemd en het bestuderen van de Torah wordt ‘het leren van de mogelijkheden voor het corrigeren van het ego’ genoemd.

De alomvattende Mitzvah (gebod) van de Schepper is de correctie van het ego tot op het niveau “En u zult uw vriend liefhebben als uzelf”, Vajikra 19:18 (Leviticus). Wanneer iemand de bijbehorende handelingen mechanisch uitvoert, zonder zichzelf – namelijk zijn ego – te corrigeren, spreken we over het in stand houden van gewoontes. Sinds de dagen dat het volk Israël van het niveau “En u zult uw vriend liefhebben als uzelf” viel naar het niveau van “ongegronde haat”, bevindt het zich in een staat van het in stand houden van gewoontes.

In hun innerlijke essentie is het volk Israël een groep mensen die zich in een staat van onderlinge Arvut (verantwoordelijkheid) bevinden, die het grote verlangen hebben om “als één mens met één hart” te zijn en te worden vervuld met liefde voor elkaar.

 

Vrijheid Tussen De Schepper En De Farao

Dr. Michael LaitmanBaal HaSulam: Matan Torah (De Schenking van de Torah), item 13: De Torah bevat twee delen: 1) Mitzvot tussen de mens en God en 2) Mitzvot tussen mensen onderling. Beide hebben hetzelfde doel: het schepsel naar het einddoel brengen: Hechting aan Hem.

Mitzvot die betrekking hebben op de verhoudingen tussen mensen worden samengevat in het principe ‘Heb je vriend lief als jezelf’. Mitzvot die gaan over de verhouding tussen de mens en de Schepper worden samengevat in het principe ‘Heb de Heer, je God, lief’. Er zijn dus twee niveaus op het pad naar de vervulling van de Mitzva van liefde: eerst vervult de mens dit gebod naar de mensheid toe en als hij daarin slaagt, komt hij tot een totale liefde voor de Schepper.

Waarom is dit proces in twee delen verdeeld? Als de breking van de kelim (vaten) niet had plaats gevonden, waardoor mijn wereld bewoond lijkt te zijn door veel mensen, zou ik geen basis, geen fundament hebben om correcties te maken, want dit moet in het verborgene gebeuren.

Anderzijds, als de Schepper zich aan mij onthult, ben ik verkocht, volkomen afhankelijk, ik cijfer mezelf helemaal weg, ik besta niet meer en mijn vrije wil is verdwenen. Om kort te gaan, in dat geval kan ik alleen maar geven, want dan ik heb geen keuze. Als ik naar Hem kijk heb ik geen andere keuze. Hij bestuurt mij, staat boven mij en ik word een ‘engel’ die niet uit vrije wil gevend is.

Om een vrije wil te hebben moet ik los staan van de Schepper en leren geven, maar niet onder dwang opgelegd. Dan word ik wakker door lijden. De storm Sandy wordt bijvoorbeeld gestuurd of een tsunami. Maar zulke rampen brengen me niet tot correctie, want ik voel niet dat ze regelrecht van de Schepper komen en zo behoud ik mijn vrije wil. Al met al bevinden we ons voortdurend in een staat van vaagheid.

Deze wereld is aan ons gegeven om vrij te kunnen zijn van de Schepper en daarom zijn er twee soorten Mitzvot. Er zijn Mitzvot die gaan over de verhoudingen tussen mensen onderling, wij houden ons daaraan zonder enige verplichting. Er ontstaat in ons een toenemende erkenning dat ze nodig zijn en in de loop van de tijd, als we meer ervaring krijgen, gaan we begrijpen dat we daarin ook vrij zijn.

Als ik daar nog niet zo over denk, word ik door een stok naar voren geduwd en vooruit getrokken door het punt in het hart. Ik kijk niet meer om me heen, ga alleen maar vooruit en val terug. Is dit dan vrije wil?

Onderweg beginnen we echter een verbinding met elkaar op te bouwen, we voelen dat we vrijheid hebben in de weerstand tussen de Schepper en Farao. De werkelijke vrijheid is verborgen in dit middelpunt, in de vermenging tussen goed en kwaad (de Klipa of Noga). Daar wordt de intentie, namelijk de mens, geboren. De intentie is de ware mens.

De Mitzvot zijn dus in twee gedeelten verdeeld, omdat wij ons in een staat van verborgenheid moeten bevinden om een vrije wil te hebben, we vervullen dus eerst de Mitzvot tussen mensen om daarna de Mitzvot tussen de mens en de Schepper te kunnen vervullen.

Het aantal Mitzvot wordt door onze 613 verlangens bepaald, die in de ziel verdeeld zijn in 248 ‘organen’ en 365 ‘pezen’. We moeten al deze verlangens corrigeren door middel van de intentie om te geven.

From the 4th part of the Daily Kabbalah Lesson 11/4/12, “Matan Torah (The Giving of the Torah)”